SAL7338, Act: V°158.4,R°160.1 (198 of 519)
Search Act
previous | next
Act V°158.4,R°160.1  
Act
Date: 1443-11-09

Transcription

2019-10-17 by Roger Morias
Item waut(er) willem van coelhem van vertrijke als geleyt totte(n)/
goeden jans paelart van breyeshem op heden hadde doen/
inne stane(n) willem(me) palart soene des voirs(creven) jans die hem aen/
so(m)mege vande(n) voirg(eruerde) goede(n) ongebruyc dede te weten/
aen thien molevaten corens erfs pachts aen en(de) op huys en(de)/
hoff met zijnre toebehoirte(n) peters smans gelegen te breyeshem/
It(em) aen de helcht van drie dach(mael) lants gehete(n) de heye geleg(en)/
aldair tussce(n) de goede [vacat]/
It(em) aen de helcht van eine(n) halven boende(r) lants gelegen op tvelt/
gehete(n) de wolputte tussce(n) [vacat]/
Item aen de helcht van ene(n) dach(mael) lants gelegen ald(aer) tus op tvelt/
gehete(n) cleynvelt tusscen [vacat]
//
tot welken daeghe de voirs(creven) willem niet comen en es/
mids den welken de he(re)n scepen(en) van loven(e) gewijst hebben/
t(er) manisscen smeyers voir van voinisse dat men den voirscr(even)/
willem(me) van coelhem houde(n) sal vanden voirg(eruerde) goeden/
in in zijne(n) beleide alsoe verre dat noch voir de he(re)n scepen(en)/
van loven(e) come(n) es p(rese)nt(ibus) abs(oloens) vynck voshem dormale/
nove(m)br(is) ix[a]
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2014-10-07 by Jos Jonckheer