SAL7339, Act: R°226.5-V°226.1 (284 of 450)
Search Act
previous | next
Act R°226.5-V°226.1  
Act
Date: 1445-02-09

Transcription

2019-04-14 by Jos Jonckheer
Van henrick cloet/
Tvo(n)nisse tusschen henricke calaber naturlijc in deen zijde ende henric/
cloet in dande(re) alse vanden ghelde gecome(n) vanden huyse des voirs(creven)/
henrix calaber ende annen sijns wijfs dwelc de voirs(creven) henric
//
cloet uut machte van beleyde(n) van scepen(en) brieve(n) van loeven(en)/
hem bekint vand(er) weduwe(n) rolofs wijlen pynnox hue(re)n dochte(re)n/
ende den voirs(creven) henricken calaber v(er)cocht hadde pete(re)n van vileer/
gehete(n) ysabele voe(r) de so(m)me van lxiii gulden peters die de voirs(creven)/
peter van vileer daer voe(r) soude betalen Te weten xv peters/
d(air) af in ghereden gelde ende den cost die dair op gedaen was ende/
tsurplus bynne(n) eene(n) jare nader guedingen v(er)volgende van welken/
ghelde de voirs(creven) henric calaber vande(n) voirs(creven) [henr(ic)] cloet rekeni(n)ge/
begherde o(m)me betalinge oft bewijssenisse d(air) af [te] hebben dair tegen/
henric cloet hem v(er)antw(er)de seggende dat de rekeni(n)ge tussche(n) hem/
gesloten hadde geweest alsoe dat die niet meer en discorderde dan/
in xvii stuv(er)s ende dair ontrint de welke tusschen hen doot ende/
te niete geseght ware(n) ende dat hij dien navolgen(de) den voirs(creven)/
henricke calaber hadde gep(re)senteert trest vander voirs(creven) rekeni(n)ge(n)/
bove(n) sijnre schout te bewijsen met brieve(n) van geluften over/
te gheven(e) die de voirs(creven) peter van vileer bekint hadde ende/
vanden voirs(creven) huyse sculdich was Bij alsoe dat de voirs(creven)/
henric calaber hem van allen saken quita(n)cie hadde willen gheve(n)/
des hij niet anv(er)den en woude welke poente(n) de voirs(creven) henric/
cloet p(rese)nterde te thoenen hopende d(air)om de selve henric/
cloet dat hij met des voirs(creven) es gestaen soude niet min eve(n)v(er)re/
den voirs(creven) henricken calaber geliefde te herrekene(n) dat p(rese)nterde/
de voirs(creven) henric cloet voe(r) alle vo(n)nissen alsoe dat nae desen de scepen(en)/
van loeven(en) gewijst hebben nae aenspraken v(er)antw(er)den ende thonisse(n)/
dat de voirs(creven) henric cloet gestaen soude metter [met sijnre] p(re)sentacie(n) voirs(creven)/
p(rese)ntibus rijke witte ov(er)wynge vynckenbosch lynte(r) iunior febr(uarii) ix
ContributorsWalter Winnelinckx
Moderated byWalter Winnelinckx
Last update: 2016-11-16 by Jos Jonckheer