SAL7339, Act: V°214.4 (269 of 450)
Search Act
previous | next
Act V°214.4  
Act
Date: 1445-01-26

Transcription

2019-02-24 by Jos Jonckheer
Van roelove vanden male/
Tvo(n)nisse vande(n) gedinge hangen(de) voir meye(r) en(de) scepen(en) van/
loeven(en) tusscen roelove vande(n) male in deen zijde en(de) henr(icke)/
van meld(er)t bastart in dande(re) alse van xxi pet(er)s en(de) viii/
stuv(er)s die de voirs(creven) roelof als borge des voirs(creven) henr(icken)/
voir hem hadde moete(n) gelden en(de) betale(n) aen zeghe(re)n/
van wynde van i mudde corens lijftochte(n) mette(n) acht(er)stellige(n)/
pachte verloepen van vii jaren gelijc [dat] de selve/
roelof met scepen(en) van hugarde(n) boot te thoene(n) vanden/
welken de voirs(creven) roelof de contrarie [houden(de)] dede segge(n)/
met alrehande reden(en) dat hij inleyde ende [oic] boot/
te thoene(n) alsoe dat de voirs(creven) p(ar)tien gewesen/
tot huere(n) bethoene Thoende [inden yersten] de voirs(creven) roelof gelijc hij/
he(m) voir hadde v(er)meten en(de) de voirs(creven) henr(ick) en co(m)p(ar)erde/
niet inde(n) rechte te(n) selve(n) dage [van thoenen] noch oec sijn getugen/
Midts de(n) welke(n) de he(re)n scepen(en) va(n) loeven(en) ter menissen/
smeyers [na dien dat de voirs(creven) henr(ick) noch sijn getuygen niet en quamen gelij voirs(creven) steet] wijsden voir een vo(n)nisse dat de voirs(creven)/
roelof en sijne(n) eysch ov(er) de(n) voirs(creven) henr(ick) v(er)reyct sal hebbe(n)/
nae dat de wairh(eit) gedrage(n) heeft p(rese)ntib(us) rijke witte/
ov(er)wynge vynck(enbosch) lyntre ja(nuarii) xxvi
ContributorsWalter Winnelinckx
Moderated byWalter Winnelinckx
Last update: 2016-11-15 by Jos Jonckheer