SAL7339, Act: V°308.4-R°309.1 (361 of 450)
Search Act
previous | next
Act V°308.4-R°309.1  
Act
Date: 1445-04-17

Transcription

2019-07-22 by Jos Jonckheer
Tvonnisse tusschen goerde hanckart alse momboir/
sijns wijfs in deen zijde en(de) henricke eveloge in dande(re)/
alse van dat goessen wilen ouderogge die tot sijnre/
tocht hielt thof geheten ter eect nu toebehoe(re)nde/
den kinde(re)n vanden wive des voirs(creven) goerts die zij hadde/
van woute(re)n wilen ouderogge hue(re)n voir man soen des
//
voirs(creven) wilen goessens tselve hof ter tijt alse hij/
starf niet van refectien gehouden en was alsoe een/
tochte(r) dat sculd(ich) was te doen mair lach v(er)vallen in/
div(er)sen manie(re)n gelijc goert voirs(creven) thoende d(air) af hij vande(n)/
voirs(creven) henricke alse een vande(n) erfgename(n) des voirscr(even)/
wilen goessens en(de) die de have vande(n) selve(n) mede/
aenveert hadde richtinge yesch was gewijst/
met desen worden dat de voirs(creven) henric van sijnen/
kinsgedeelte gehouden soude sijn den voirs(creven) goerde tot/
behoef sijns swijfs kinde(re)n richtinge te doen vanden/
meshouden vanden voirs(creven) hove geschiet voir dat/
de voirs(creven) goessen aflivich wardt en(de) dat t(er) taxacien/
van goeden ma(n)nen p(rese)nt(ibus) pynnoc abs(oloens) witte ov(er)wynge/
vynck(enbosch) lyntre ap(ri)lis xvii
ContributorsWalter Winnelinckx
Moderated byWalter Winnelinckx
Last update: 2016-11-18 by Jos Jonckheer