SAL7341, Act: R°260.1 (300 of 494)
Search Act
previous | next
Act R°260.1  
Act
Date: 1447-02-09
LanguageNederlands

Transcription

2019-12-29 by Willy Van Bruystegem
Item want stoot ende tebat opv(er)staen was [es] tussce(n) janne van huldenberghe/
in deen zijde ende pet(er)en zijnen brueder in dande(r) als van seke(re)n scouwen/
die de selve jan den voirs(creven) pet(er)en es eysschen(de) en(de) voir hem heeft moete(n)/
betalen en(de) oec vander vorsterie(n) van lande(n) hen beyden tsame(n) toebehoiren(de)/
also lange als gielijs de clievere leeft en(de) niet lange(r) so sijn de voirs(creven)/
gebruede(re)n mondelinge v(er)accordeert en(de) d(air) af v(er)eenicht ind(er) manie(re)n hier/
na volgende Te wete(n) dat de voirs(creven) jan de voirs(creven) vorsterie geheel/
behoude(n) sal en(de) de baten en(de) p(ro)fite(n) dair af trecken des voirs(creven) gielijs/
leefdach lang en(de) d(air) voe(r) sal de selve jan betale(n) aende(n) voirs(creven) gielise/
de clieve(re) alsulke(n) xx crone(n) als hij met zeke(re) scepen(en) brieve van bruessel/
sprekende heeft zijnen leefdach lang duerende op de goede vander/
loonbeken en(de) van hazoet Bij also dat de voirs(creven) peter tgebrec/
dat viii gripen argher zijn dan x crone(n) den voirs(creven) janne dat/
jaerlijcx oplegge(n) sal en(de) betale(n) ten tide gelijc de selve xx/
crone(n) aen de(n) voirs(creven) gielise vallen ende oft de vorsterie jaerlijcx/
niet en goude xvi gripen gelijc die nu ghelt d(air) af sal/
de voirs(creven) pet(er) gehoude(n) zijn de helicht van dien gebreke de(n)/
selve(n) janne op te richte(n) ende oft die meer gedroege oft goude/
dan xvi gripen dat sal den voirs(creven) petere(n) te bate(n) come(n)/
altoes in afslage van betalingen van der helicht van de(n) voirs(creven)/
xx crone(n) Voirt so heeft gelooft de voirs(creven) peter de(n) voirs(creven)/
janne sijne(n) brued(er) te betalen xliii(½) xliii gripen te xl pl(acken) tstuc/
te wete(n) de xxiii g(ri)pen d(air) af binne(n) eenre maent naestcomen(de)/
en(de) dander xx te paessche(n) dair na volgende q(u)[o]l(ibet) ass(ecutu)[m]/
Ende midts desen selen de voirs(creven) gebruede(re)n vande(n) voirs(creven) stoete/
v(er)enicht zijn en(de) va(n) malcandere(n) te vrede(n) blive(n) roelofs/
lyntre febr(uarii) nona
ContributorsInge Moris
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2013-07-09 by Lize De Wilder