SAL7347, Act: V°74.1 (158 of 746)
Search Act
previous | next
Act V°74.1  
Act
Date: 1453-09-04

Transcription

2019-10-08 by Magda Van Winkel
Item jan van schoenenberghe en(de) henric van schoenenberghe sijn sone p(r)ius/
emancipat[(us)] gelaesmakers hebben verdinct te maken [tegen de kercmeest(er)s van s(int) quinte(n)] wel en(de) loflijc van/
goeden costbaren ghelasen eene gelasen vynste(r) cleyn van ruyten ende/
wael geloet int nu werc van sinte quintens te loven(en) staende alsoe/
groet als die aldair nu gemetst staet elcken voet dair af vanden/
slechten wercke o(m)me en(de) voe(r) twee stuv(er)s en(de) tvol tdobbelwerc o(m)me/
en(de) voe(r) vier stuv(er)s den voet te betalen alst tvoirs(creven) werc volmaect sal/
zijn alse vervolghde schout Welcke gelasen vynstere de vorscr(even)/
vader en(de) sijn sone geloeft hebben een jaer lanc nae datse volmaect/
sal zijn te houden staende op hue(re)n cost het en wae(r) datse met/
ov(er)tuldighen weder brake en(de) hebben [oic] gekint gehaven te hebben thien/
guld(en) peters eens te xviii st(uvers) tstuc op tvoirs(creven) werc Vort is/
vorweerde dat de vors(creven) vader en(de) moeder [sijn sone] telken hondert voete/
aende vors(creven) ii stuv(er)s voe(r) den voet afcortten sullen d(er) vors(creven) kercken/
driendertich stuv(er)s cor(am) roelants witte sept(embris) quarta
Contributorskristiaan magnus
Moderated byHadewijch Masure
Last update: 2016-02-08 by kristiaan magnus