SAL7349, Act: V°276.2-R°277.1 (548 of 698)
Search Act
previous | next
Act V°276.2-R°277.1  
Act
Date: 1456-04-14

Transcription

2020-05-26 by Walter De Smet
Vande(n) stoete die gepordt was tussce(n) mychiele mychiels in deen/
zijde en(de) beatrijs griete(n) weduwe jans wile(n) mychiels brued(er)s des/
voirs(creven) mychiels met consente jans griete(n) huers brued(er)s in dande(r) alse/
vande(n) laste(n) die de(n) voirs(creven) mychiele als borghe zijns brueders/
voirs(creven) zijd(en) dat de selve jan bute(n)lants geweest is toecome(n) en(de) aen/
gevallen zij So zijn de selve p(ar)tie(n) bij middele en(de) toedoene va(n) e(n)nige(n)/
huere(n) vriende(n) eens worde(n) en(de) v(er)accordeert ind(er) vuege(n) ende/
manieren h(ier)na volgende Inde(n) yerste(n) heeft de voirs(creven) beatrijs gecon/
senteert ende gewillecoirt datmen v(er)coepe eene(n) bemt houdende/
omtrint een dach(mael) gelege(n) te langdorp int ynderbroec en(de)/
dat vande(r) pe(n)nige(n) d(air) af comen(de) de voirs(creven) mychiel hebbe(n) sal xvi/
pet(er)s tot de welke(n) v(er)coepe zij hande en(de) mont gelooft heeft te leene(n)/
It(em) de voirs(creven) beatrijs sal de(n) voirs(creven) mychiele huere(n) zwager jaerlijcx/
laten volgen alsulken vierdel wijns als de voirs(creven) beatris erflijc heeft/
op een huys en(de) hof mett(er) toebeh(oirten) jans laureys ten goere inde p(ro)chie/
van langdorp gelege(n) voir welc vierdel wijns de voirs(creven) mychiel d(er)/
voirs(creven) beatrijs ov(er)geg(even) heeft zijn deel en(de) recht dat hij heeft in een/
stuck lants gelege(n) te(n) elsloeken(en) neve(n) henr(ic) reynkens goede Item/
want de voirs(creven) mychiel zeke(re) zijn goede gelege(n) te reepvoirt inde p(ro)ch(ie)/
van langdorp aen barbere(n) vos verpandt heeft voir iii r(ijnsch) guld(en) lijftochte(n)/
te huere(n) live dair inne de voirs(creven) beatrijs gehoude(n) is soe zij selve gekint/
heeft halff te heure(n) laste te dragen Soe heeft zij gelooft de(n) voirs(creven)/
huere(n) zwager en(de) zijn goede voirs(creven) scadeloes te houden en(de) tontheffen/
vand(en) helicht vand(en) selv(en) lijftocht It(em) de voirs(creven) beatrijs heeft de(n)
//
voirs(creven) huere(n) zwager ov(er)gegeve(n) de helicht vande(r) dach(mael) lants gelijc dat/
gelege(n) is op dopp(er)strate inde p(ro)ch(ie) va(n) langdorp te wete(n) tvierdel d(air) af/
de(n) voirs(creven) wilen huere(n) man gevallen te zijne(n) deele en(de) tvierdel d(air) af/
dwelc s(er)vase op de(n) berch te sijne(n) deele bleve(n) was D(air) af zeke(re) comescape(n)/
geseet zijn tussce(n) s(er)vase en(de) beatrijs voirs(creven) op alsulke(n) vuege dat de/
voirs(creven) mychiel den voirs(creven) s(er)vase jaerlijcx geve(n) sal en(de) betalen xii stuv(er)s/
oft zijn hande lichte(n) vande(n) voirs(creven) vierendeele Ende de voirs(creven) ja(n) griete(n)/
heeft gelooft de(n) voirs(creven) mychiele mette(n) beleyde d(air) mede hij geleit is tot/
de(n) goede(n) des voirs(creven) jans mychiels alt(oes) alle behulp va(n) rechte te doene/
sond(er) zijne(n) cost om de voirs(creven) poente(n) alle en(de) yegewelke volbracht te/
werden Promitt(ens) d(i)c(t)a beatrix p(ro)stare henr(icum) e(ius) f(ilium) a(n)nis mi(n)ore(m) q(uem)ad/
mo(dum) sat(is)f(acere) et q(uod) ad d(i)c(t)a beat(ri)x ad mo(nicionem) d(i)c(t)or(um) joh(ann)is et mych(aelis) aut/
ponet d(i)c(t)us ad(ducti)[o(n)e(m)] me(dieta)te q(ua) ad(duc)[t(us)] e(st) d(i)c(t)us joh(ann)es ad bo(na) d(i)c(t)e beat(ri)c(is) sue so(ro)r(is)/
sub scab(inis) arscotten(tibus) ut cu(m) ead(em) p(re)missa adi(m)pleant(ur) q(uon)d(am) d(i)c(t)us joh(ann)es griete(n) absq(ue) suis expen(sis) du(mmod)[o] r(e)quisit(us) face(re) p(ro)misit lynt(re) hortbeke ap(ri)l(is) xiiii
ContributorsJan Boncquet
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2014-10-28 by Jos Jonckheer