SAL7360, Akte: R°46.2-V°47.1 (100 van 667)
Zoek akte
Vorige | Volgende
Akte R°46.2-V°47.1  
Act
Datum: 1466-10-06

Transcriptie

2018-11-07 door myriam bols
Item de vors(creven) claus marchant ter eender en(de) gehuyssche ter ande(r)/
zijden sijn met malcande(re)n in erfvorweerden eensworden ende/
overcomen van huer(er) beider erve en(de) huyse(n) neven een geleghen/
aen sinte peters kerchof [te lov(enen)] tusschen thuys gheheten dwout op deen zijde/
en(de) thuys geheten den hovel op dande(re) Te weten(e) vanden huyse/
des vors(creven) claus geheten moriaen en(de) vanden huyse der voirscr(even)/
gehuyssche geheten den [gulden] rinc der pointe ende condicien hier/
na bescreven die zij voir hen hue(re)n erve(n) en(de) nacomelinghen/
gelooft hebben tot eeuwegen dagen malcande(re)n vast gestentich/
en(de) van weerden te houden Inden yersten want de voirs(creven) twee/
huyse moiraen en(de) guld(en) rinc geheten met huer(er) toebehoerten/
ghelijc pant en(de) onderpant staen ongesundert voir twintich/
guld(en) cronen der mu(n)ten sconincx van vrancrijke goet van goude/
en(de) swair van gewichte erflic die derfgenamen willems
//
wilen gaus dair op hebben en(de) jairlix heffende zijn i derhalf pont/
swerte oudergrote die de kercke van sinte mychiels te loven(en)/
dair aen erflijc heffende zijn [is] twee hollan(dse) guld(en) die thuys/
die van sinte loys en(de) tgodshuys vanden wittevruwen te loven(en)/
d(air) op erflic hebben ende voir drie guld(en) rijders oic erflic/
die claus de costere dair aen heeft Soe es vorweerde/
en(de) ondersproken dat de vors(creven) claus en(de) sijn erve geheten moriaen/
tot eeuwegen dagen vanden vors(creven) chijse dragen ghelden en(de) betalen sal/
sullen de vors(creven) twintich cronen erflic aen derfgenamen willems/
wilen gaus na uutwisen der brieve vander selver renten vand(er)/
daet xiiii[c] xxxiiii jair opden lesten dach sonder eenen der maent/
van april en(de) de vors(creven) gehuyssche en(de) hue(r) erve geheten den/
guld(en) rinc vanden selven xx cronen erflic tot eeuwegen dagen/
ontlossen en(de) vry houden also dat de selve gehuyssche noch hue(r)/
erve dair af ny(m)mermeer last hebben en sullen En(de) dair voir/
heeft de vors(creven) claus zijn huys metter toebehorten geheten den/
moriaen vors(creven) en(de) oic sijn huys metter toebehorten gelegen inde/
steenstrate tusschen den goeden willems van dueren op deen sijde/
en(de) jans vande(n) hove en(de) jouffr(ouwe) ka(tlij)[ne(n)] horekens sijns wijfs op dander/
zijde bij orlove tshe(re)n vanden gronde tonderpande gesedt en(de) wettelic/
verbonden van welcken onderpande de vors(creven) claus gelooft heeft/
altoes genoech te doen en(de) heeft tvors(creven) huys inde steenstrate/
gelegen gewarendert als voir alle den co(m)mer d(air) van voir uutgaen(de)/
op drie guld(en) rijd(er)s cronen d(er) mu(n)ten sconincx van vrancrijke/
twee r(ijnsche) gul(den) en(de) iiii stuvers erflic ten behoirliken tijde te bet(alen)/
Ende ter ande(re) zijden is vorweerde en(de) ondersproken in/
manie(re)n van erfvorwerden als voir dat de vors(creven) roeloff sijn/
wijf en(de) nacomelinghe van hue(re)n vors(creven) huyse geheten den/
rinc metter toebehorten jairlix en(de) erflic ghelden en(de) betalen/
sullen de vors(creven) derdalf pont swerte oud(er)grote twee holl(andse)/
gul(den) en(de) drie rijd(er)s erflic aende p(er)sone [en(de)] p(ar)tien vors(creven) diemen/
gelijc vors(creven) steet d(air) af sculdich is tot eeuwegen dagen en(de)/
alsoe den vors(creven) clause m(ar)chant en(de) zijn erve vors(creven) gehete(n)/
den moriaen metter toebehoerten van dien lossen en(de) quijt/
houden also dat de vors(creven) clause sijn(en) erve(n) en(de) nacomelinghe(n) en(de)/
sijn(en) goede geheten den moriaen vors(creven) d(air) af ny(m)mermeer schade
//
en come Ende in vesticheiden van dien hebben de vors(creven) roeloff/
en(de) sijn wijf met wille tshe(re)n vanden gronde den vorscr(even) clause/
tot eenen onderpande gesedt tvoirs(creven) huys metter toebehorte(n)/
geheten den gulden(en) rinc welcken onderpant de vors(creven) gehuyssche/
gewarendeert hebben als voir alle den co(m)mer dair van voir uut/
gaende [op] de voirs(creven) derdalf pont swerte oude gr(oten) twee hollan(dse) guld(en)/
en(de) drie rijders erflijc Item es vorweerde dat de want en(de)/
onderslach staende van onder tot boven tusschen den vors(creven) mariaen/
en(de) guld(en) rinck den vors(creven) clause m(ar)chant en(de) gehuyssche en(de) huer(er)/
beider erfgenamen te gelike toebehoe(re)n sal tot eeuwegen daghen/
en(de) gehouden worden van hen ten geliken coste Behalven wart sake/
dat de vors(creven) claus en(de) gehuyssche oft hue(r) nacomelinge gesamender/
hant opde vors(creven) want oft onderslach met metselrien oft ty(m)meringe(n)/
hoger opvae(re)en wouden oft andere ty(m)meringhe oft metselrie d(air)/
op stellen dan nu d(air) op staet dat zij dat oic te geliken coste sullen/
doen en(de) den muer tusschen beide onderhalven steen dick maken/
en(de) dien stellen inde middelt vanden [steynen(en)] egghe die dair tusschen/
de vors(creven) erve(n) staet voir aen strate en(de) ter middelt vand(er) vors(creven) want/
Ende inden gevalle oft deen vanden vors(creven) p(ar)tien nu oft namaels/
datn alleene ty(m)me(re)n oft opvae(re)n woude en(de) dander niet soe/
es vorweerde dat hij dat ind(er) vors(creven) manie(re)n sal mogen doen/
sonder der ande(r) p(ar)tien wederseggen behoudelic dat hij die/
also ty(m)me(re)n oft opvae(re)n woude [wilt] der ander p(ar)tien huys alsoe/
sal verseke(re)n en(de) vestigen dat hem dair af gheene schade/
en come en(de) die also ty(m)mert sal sijnen osendrup en(de) water/
val van sijne(n) dake op dander huys vallen(de) hebben ende/
behouden tot eeuwegen dagen sond(er) d(er) and(er) p(ar)tien oft yemans/
and(er)s wederseggen Ende in gevalle oft dander p(ar)tie die/
also gelic vors(creven) steet niet en heeft willen ty(m)me(re)n oft opvae(re)n/
namaels met zijne(n) huyse opvae(re)n woude soe is vorwerde/
dat hij dat sal mogen doen en(de) sijn ty(m)meringe steensdiepe/
met anckers tsijns selfs coste inden vors(creven) muer vand(er) and(er)/
p(ar)tien vors(creven) gemetst vestigen sond(er) yemans wederseggen en(de)/
der ande [sonder] meer rechts inden selven muer te hebben Item/
en sal [moghe(n)] de vors(creven) claus noch sijn nacomelinghe de ty(m)meringe
//
die dair nu staet achter boven de hemelich(eit) die tusschen den vors(creven)/
p(ar)tien dient en(de) boven den stalle d(air) neven hier namaels ny(m)mermeer/
niet hoger mogen setten dan die nu staet en(de) sal de selve heymelich(eit)/
hen beiden te gelike toebehoe(re)n als die nu staet en(de) van hen gehoud(en)/
worden in rep(ar)acien en(de) reyni(n)gen als des van node sal zijn Item/
sal den vors(creven) roelofve en(de) sijnen nacomelingen den muer staen(de)/
opde schaelgie tusschen den vors(creven) clause en(de) den gehuyssche toebe/
hoe(re)n den selven gehuysschen bij also dat zij [de selve roelof] dair op gheene/
ty(m)meringe en sullenal mogen [setten] noch dien hoger doen maken dan hij/
[nu es meer dan] ii oft drie voete dan hij nu is Item es vorweerde dat den osendrup/
comen(de) vanden halve(n) houthuyse [oft stal] derie de vors(reven) gehuyssche[oft stal] [roelof] op hue(r) sijn/
schaelgie acht(er) hebben [heeft] staen(de) comen en(de) vallen sal opde schaelgie/
des vors(creven) claus acht(er) den vors(creven) moriaen liggen(de) Item sal de voirscr(even)/
claus den vors(creven) moriaen te kersmesse naestcomen(de) ynclus aenv(er)den/
los en(de) vry van allen gevallen(en) chijse alsoe dat hij tsint jansmesse/
d(air) naest volgen(de) en(de) niet eer inde vors(creven) rente va(n) xx cronen erflic/
gehouden en sal wezen cor(am) eisd(em) zoe v(er)re die gevallen sal zijn/
cor(am) eisd(em)
Nagekeken doorMi-Je Van Gils
ModeratorMi-Je Van Gils
Laatste update:: 2016-06-14 door Xavier Delacourt