SAL7361, Act: V°174.1-R°175.1 (367 of 504)
Search Act
previous | next
Act V°174.1-R°175.1  
Act
Date: 1468-03-26

Transcription

2019-08-30 by myriam bols
Cont zij allen lieden dat jan m(ar)celis de jonge sone jans m(ar)celis van/
duysborch inden name van hem selven en(de) van janne m(ar)celis sijnen/
vader [vors(creven)] pete(re)n katlijnen en(de) aliten m(ar)celis kynde(re) des vors(creven) jans des/
vaders en(de) brued(er) en(de) suste(re)n des vors(creven) jans m(ar)celis des jongen nu absent/
sijnde die hij tot des nabescreven steet gelooft heeft te vervangen/
ter eender zijden jacop meerlenberch sone wilen jans die hij/
hadde van katlijnen m(ar)celis zijnen wijve suster des vors(creven) jans svaders/
en(de) henric maes zwager des voirs(creven) jacops inden name van hen/
en(de) vander voirs(creven) katlijnen zijnd(er) moed(er) [des vors(creven) jans] janne ghijsbrechte yden g(er)trude(n)/
alijten en(de) johannen meerlenberchx brued(er) en(de) suste(re)n des voirscr(even)/
jacobs jacope de molde(re) en(de) lijsbetten m(eer)lenberch zijnen wijve/
suste(r) d(er) voirs(creven) p(er)sone merlenberchx oic alle absent sijnde die de vors(creven)/
jacop meerlenberch en(de) henric maes zijn swager oic tot des/
na bescreven is gelooft hebben te vervangen ter ande(re) Sijn/
met malcande(re)n voir hen hue(re)n erven en(de) nacomelingen/
mynlic eensworden der pointen condicien en(de) vorweerden/
hier na verclaert die zij gelooft hebben tot eeuwegen dagen/
tonderhouden alse vanden chijse [goeden] en(de) eygen(en)goede zoe wair die/
inden lande van brabant en(de) elders gelegen zijn die hen/
bleven [en(de) verstorven] zijn van zege(re)n wilen van doirne roelande wilen/
van doirne zijnen wijve sone en(de) den [na] verschenen zijn bijder/
aflivicheit jouffruwe prudencie(n) pynnoc weduwe des voirs(creven)/
wilen roelants die opde selve goede geduwarit was Uut/
ghescheiden vanden leengoeden zoe wair die gelegen zijn dair/
af de voirs(creven) p(ar)tie meerlenberchx bliven staende op hue(r) recht/
te weten(e) inden yersten dat mits desen tractate sal v(er)smelten/
te nyeute bliven en(de) van onweerden wesen alsulken appointe/
ment als gemaect was voir scepen(en) [van lov(enen)] m(ar)cii vier dage int jair/
xiiii[c] lxvi zonder dat deen of dande(re) p(ar)tie he(n) dair met/
sal mogen behulpen in e(n)niger manie(re)n Item es vorweerde/
dat elc vanden voirs(creven) p(ar)tien vanden vors(creven) chijse en(de) eygen(en) goede/
sal volghen tot eeuwegen dagen voir hen hue(re)n erven en(de)/
nacomelingen tvierdel van alle den selven goeden om elc/
dair met zijnen vryen wille te doen ombeledt vand(en) ande(re)n/
Item es vort vorweerde dat de vors(creven) p(er)sone meerlenberchx/
te weten(e) jacop en(de) henric voirs(creven) van wegen huers selfs en(de)/
hue(re)r medegaringen den vors(creven) janne m(ar)celis gheven en(de)
//
bewisen sullen alsulken reste van costen als de vors(creven) jan int vervolghen/
der voirs(creven) goede gedaen en(de) geleden heeft zeder der aflivicheit/
der vors(creven) p(er)sone tot sinte mertensmesse int jair xiiii[c] lxv gedragen(de)/
tot hue(re)n vierendeele achtien ryns gul(den) en(de) eenen halven/
te xx st(uvers) den r(yns) guld(en) en(de) ix myten En(de) des sal den selven janne m(ar)cel(is)/
d(air) toe noch volgen tvierendeel vand(en) proffijten die hij vanden/
selven goeden zeder den tijt vors(creven) tot verent sinte mertensmesse a(nn)[o] lxv/
vorg(eruert) den vors(creven) p(er)sonen meerlenberchx toebehoe(re)nde [gehaven heeft] zonder/
hen dair af e(n)nighe rekeni(n)ghe bewijs oft betalinge te doen/
voir welcke xviii(½) r(yns) gul(den) en(de) ix myten de vors(creven) p(er)sone m(eer)lenberchx/
den vors(creven) janne m(ar)celis geconsenteert hebben en(de) mits desen/
consente(re)n dair [van nu vortaen] te trecken van hue(re)n vors(creven) vierendeele en(de) vand(en)/
proffijten d(air) af comen(de) tot volder betalingen Ende inden gevalle oft/
den vors(creven) janne m(ar)celis aent voirs(creven) vierdel om d(er) vors(creven) betalinge/
wille va(n) xviii(½) r(yns) gul(den) ix myten e(n)nich crot letsel oft hynder/
gedaen wordde zoe hebben de vors(creven) jacop en(de) henric maes/
gelooft den vors(creven) janne die opteleggen en(de) te betalen te kersmesse/
naestcomen(de) als verreicte schout Item sullen de selve jacop en(de)/
henr(ic) den vors(creven) janne m(ar)celis betalen uut saken vanden vorsten/
accorde vors(creven) xvi cronen te xxv st(uvers) tstuc te weten(e) viii cronen/
t(er) stont en(de) viii crone(n) te meye naestcomen(de) als v(er)volghde/
schout Item is vorweerde dat den vors(creven) janne m(ar)celis en(de)/
sijnd(er) medegaringen volgen [sullen oic] tvierendeel van allen den vors(creven) goed(en)/
en(de) oic de ... proffijte(n) d(er) selver [goede d(er) voirs(creven) merlenberchx] tot sinte m(er)tensmisse vors(creven) thue(re)n/
proffijte [sond(er) hen e(n)ige zekeringe d(air) af te doen] Item sullen de vors(creven) jan en(de) sijn medegaringe ter eend(er)/
en(de) de voirs(creven) jacop en(de) henric ter and(er) zijden dragen en(de) op hen/
neme(n) te weten elc p(ar)tie een vierendeel van eene(n) rijd(er)/
erflic aen he(re)n wille(m)me edelhe(re) prieste(r) en(de) tvierdel van/
vier rijd(er)s aen der wed(uwe) meys gefineert anno lxii oct(obris) xxvii/
en(de) tvierdel van vier rijd(er)s lijftochten aend(er) wed(uwe) meys/
gefineert int jair lxv decembris v met cost en(de) co(m)mer/
dair op lopen(de) zeder sinte m(er)tensmesse anno lxv [vors(creven)] also wale/
vanden principalen als vand(en) pachte en(de) also vort tot dat/
die vors(creven) renten afgequeten sullen wezen col(en) marcels marcii/
xxvi
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-19 by Jos Jonckheer