SAL7363, Act: R°242.3 (449 of 566)
Search Act
previous | next
Act R°242.3  
Act
Date: 1470-04-07

Transcription

2018-02-20 by Mi-Je Van Gils
It(em) jan godfroit de blehain sone jans wilen godfroit in p(rese)ncia heeft/
gekint en(de) gelijt openbaerlijc dat hij bij wille ende consente gerarts/
van crehain opden wissel te loeven(en) gehaelt en(de) ontfangen heeft/
alsulken hondert en(de) lx r(ijns) gulden(en) te xx st(uvers) stuc als de selve gerart/
de(n) voirs(creven) janne godfroit geloofde aprilis xxviii lestleden dat hij/
janne van oppendorp soude gheve(n) en(de) betalen tusscen dat ende/
kersmisse oft liechtmisse d(air) na volgen(de) in afslage van des de voirs(creven)/
jan godfroit de(n) voirs(creven) van oppe(n)dorp sculdich is met scepen(en) brieve(n)/
va(n) loeven(en) Scelden(de) den voirs(creven) gerard vand(er) voirs(creven) gelofte(n) en(de) des d(air)/
aen cleeft volcomelijc quite geloven(de) den voirs(creven) gerardt en(de) allen/
andere(n) dient aengaen mach van des(er) jeg(enwordiger) quitan(cie) inne te stane ende/
gerecht warand te zijne en(de) te bliven jege(n) eene(n) yegeliken tewige(n) dage(n)/
roel(ants) tymple aprilis vii
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2016-07-13 by Xavier Delacourt