SAL7375, Akte: R°41.4-V°41.1 (97 van 1101)
Zoek akte
Vorige | Volgende
Akte R°41.4-V°41.1  
Act
Datum: 1481-07-27

Transcriptie

2019-01-26 door Dieter Taillieu
Uut dien dat meester peter van loeven(en) met brieve(n) vand(er)/
stadt slinckelijc geimpetreert heeft (bij)? inscriven gesc(reven) aen den meye(r)/
van berthem oft zijne(n) stedehoude(r) als geleyt totten goeden jans vand(er)/
bruggen dat hij de vruchten van den goeden die wouter va(n) b(er)them/
plach te besitten aldair gelegen die soe hij meynde ten tijde va(n)/
zijne(n) beleyde ja(n)ne vander bruggen toebehoirden van heerheyden/
aenveerde afdede invuerde en(de) sequestreerde op cost en(de) last der/
selver goede soe zijn comen op heden bijden raide vander stadt/
jan van buetsele soe voir hem selven voir zijns wijfs duwarie/
soe inden name he(n)nekens va(n) berthem natuerlijcx als actie soe hij/
meynde totten selven goeden hebben(de) ter eender en(de) de voirs(creven) meester/
peter ter ande(re) aldair de voirs(creven) van buetsele dede lesen een vo(n)nisse/
van scepen(en) opten xii[ten] dach va(n) meye tusschen hen gewesen dwelck
//
soe de selve jan seyde aenghinc des(er) selver materien en(de) want men/
niet bevi(n)den en soude dat meester pet(er) alnoch dien vo(n)nisse acht(er)/
volgen(de) yet hadde doen bliken va(n) tghene dair hij metten selven/
vo(n)nisse toegewijst was hoe wel de selve jan d(air)o(m)me va(n) daghe/
te daghe hadde gevolcht en(de) meester peter hem inden selven/
vo(n)nisse richten woude aen vijftich rinssche gulden(en) die hij hielt/
dat ja(n)ne vander bruggen tot wiens goeden meester pet(er) geleyt/
es met tractate toegevuecht souden zijn alse gecomen vanden/
selven goeden va(n) berthem en(de) p(ar)tien d(air)af alnoch in rechte ha(n)gen/
ombeslicht soe sustineerde hij dat de selve meester peter met/
zijne(n) sequestre en(de) de goede tot swaren coste metten hee(re) inne te/
doen(e) verdoolt wae(re) en(de) dat zij inde possessie bliven souden hem/
des gedragen(de) totten rechte te voirde(r) want men bevi(n)den soude/
dat de actien die hij en(de) he(n)neken van berthem totten voirs(creven) goeden/
hadden oude(r) waren dan meester peters beleyt oic wae(re) hij/
soe hij hoepte voir de vruchten goet genoech en(de) p(rese)nteerde d(air)voe(r)/
inne te stane oft borge te stellen oft hijer niet goet genoech en/
wae(re) oft yema(n)t dair toe beter recht hadde die te restitue(re)n hopen(de)/
d(air)mede te gestane tegen dwelck meester peter replice(re)nde seyde/
dat hij selve in possessien wae(re) en(de) niet de voirs(creven) zijn wederp(ar)tie/
dair tegen de voirs(creven) jan seyde dat dat niet en bleec in der/
voirs(creven) missiven bij meeste(re)n pete(re)n geimpetreert dair mede hij v(er)socht/
de goede gesequestreert en(de) vanden hee(re) op sgoets cost ingedaen te/
hebben es get(er)mineert en(de) uutgesproken dat ja(n)ne van buetsele/
inden name als boven die ten tijde va(n) meester peters beleyde was/
inde possessie der goeden d(air)op de vruchten staen d(er) questien af/
es de selve vruchten volgen sullen opde p(rese)ntacien bij ja(n)ne van/
buetsele gelijc voe(r) gedaen [va(n)] d(air)af te rechte inne te stane en(de) ofts behoeft/
borge te stellen(e) en(de) gelieft meester pete(re)n met zijnder saken voirt/
te vae(re)n achtervolgen(de) den voirs(creven) vo(n)nisse dat hij dat doen mach/
act(um) julii xxvii
Nagekeken doorLieve Van Hoestenberghe , Jos Jonckheer
ModeratorLieve Van Hoestenberghe
Laatste update:: 2017-01-25 door Xavier Delacourt