SAL7376, Act: R°29.3 (66 of 753)
Search Act
previous | next
Act R°29.3  
Act
Date: 1482-07-10

Transcription

2019-04-18 by  Marie-Bernadette Desmedt
It(em) jan van calcken als geleyt tot den goeden peters zijns vaders/
ter eender en(de) cornielijse van calcken zijne(n) brueder vanden voirbedde/
voir hem en(de) zijne(n) medeplege(re)n ter ande(re) hebben geco(n)senteert dat/
de vruchten vanden goeden tusschen hen in questien staen(de) en(de) d(aer)af/
zij alhier voir meye(r) en(de) scepen(en) tegen malcande(re)n hangen bij hen/
gesame(n)derhant en(de) gelijcken coste inne gedaen wordden en(de) geleet/
in sequestre totten ynde vanden rechte en(de) dat zij voirtane/
die goede gesame(n)derhant en(de) te gelijken coste sullen doen/
wynnen en(de) werven en(de) de vruchten d(aer)af gecomen sequestre(re)n/
tot dat beslicht es in gewariger hant dair dat beyde/
p(ar)tien te vreden zijn en(de) al ter mynster cost En(de) hebben voirt/
beyde selve p(ar)tien hue(re)n dach van rechte op morgen voe(r)/
meye(r) en(de) scepen(en) dienen(de) uutgestelt en(de) verlingt op van/
morgen in iiii weeken naestcomen(de) om alsdan te dienen/
gelijc hij heden [morgen] gediene(n) soude hebben in sca(m)pno julii x
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2016-11-09 by Xavier Delacourt