SAL7387, Act: V°295.2-R°296.1 (525 of 886)
Search Act
previous | next
Act V°295.2-R°296.1  
Act
Date: 1494-02-04

Transcription

2019-04-16 by kristiaan magnus
Want machiel vanden veken(en) als geleydt nae des(er)/
stadt recht voir zijn wettich gebreck uuyt crachte/
van scepen(en) br(ieven) van loeven(en) tot alle(n) den goeden beyde/
have ende erve katlijne(n) za(n)nen wed(uwe) wille(m)s wijlen/
van landen(en) ende henr(ix) van landen(en) huers soens soe/
wair die gelegen zijn hem met brieven van des(er)/
/ stadt gescreve(n) aend(en) meye(r) van cumptich oft zijnen stadthoude(r)/
te roesbeke alle de selve goede behoirlijck heeft doen leve(re)n/
ende der wed(uwe) voirs(creven) ende hue(re)n sone dach van rechte/
te comp(ar)e(re)n alh(ier) inde banck voer meye(r) ende scepen(en) van/
loeven(en) doen besceyden oft zij hen d(aer) tegen hadden wille(n)/
oppone(re)n Aldair zij op heden als ten verstreken(en) daige/
van rechte niet gecomp(ar)eert en zijn noch p(ro)cur(eur) van/
hue(re)n wegen den voirs(creven) geleydden comp(ar)erende ende/
trecht voirt versueken(de) soe verre dat de scepen(en)/
van loeven(en) t(er) manissen smeyers nae dat hen behoirl(ijc)/
gebleken heeft bij resc(r)ipte gorijs vander masen stadthoude(r)/
smeyers van cu(m)ptich tvoirs(creven) exploit gesciet te zijne/
gewesen hebben voir een vo(n)nisse Wair de wed(er)p(ar)tie/
des voirs(creven) geleydden niet en comp(ar)eert voe(r) den opstaen(en)/
smeyers ende der scepen(en) datmen den selve(n) geleydde(n)/
vand(en) voirs(creven) goeden houden soude inde macht van/
zijne(n) beleyde scepen(en) br(ieven) ende leveri(n)gen alsoe v(er)re/
alst noch voir scepen(en) comen es in scampno febr(uarii)/
iiii[ta]
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byKarel Embrechts
Last update: 2017-02-25 by kristiaan magnus