SAL7387, Act: V°68.1 (123 of 881)
Search Act
previous | next
Act V°68.1  
Act
Date: 1493-08-26

Transcription

2020-05-05 by kristiaan magnus
Item peet(er) boschman die als geleydt nae des(er) stadt/
recht voir zijn wettich gebreck uuyt crachte van/
scepen(en) br(ieven) van loven(en) tot allen den goeden beyde/
have ende erve wout(er)s groothoot en(de) joes zijns soens/
uuyt crachte vanden selven beleyde ende den vo(n)niss(en)/
d(aer)uuyt gespruyt vercocht heeft metten meyers van/
dyon le vaul op hoegen eenen geheeten tulpin cousma(n)s/
becke(r) alsulken iiii mudde(n) ende twee halste(re)n en(de) een/
vierdelinck corens erfpachts als de voirs(creven) wouter/
heffen(de) was op zeke(r) goede en(de) erfpande gelegen te dyon/
le vaul voirs(creven) Heeft gekint ende gelijdt dat hem/
de voirs(creven) tulpin vanden coepe vanden selve(n) erfpachte/
geheelijc geconte(n)teert ende vernueght heeft scelden(de) hem/
d(aer)aff volcomelijc quijte promitt(ens) null(atenus) alloqui sed war(andizare)/
prout cor(am) [beert] abs(oloens) aug(usti) xxvi
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2017-01-25 by kristiaan magnus