SAL7729, Act: R°223.1 (197 of 362)
Search Act
previous | next
Act R°223.1  
Act
Date: 1436-01-20
LanguageNederlands

Transcription

2020-02-09 by kristiaan magnus
Item van alsulken al geschille ende stoote als geweest is tusschen he(re)n/
lambrecht vand(er) eyken priester in deen zijde ende henr(icke) gielkens/
die sijn dochter heeft in dande(re) sijn de voirs(creven) p(ar)tien te wete(n)/
de voirs(creven) h(er) lambrecht met woute(re)n vander eyken sijne(n) brueder/
die den selve(n) h(e)r(e)n lambrecht hier inne voir scepen(en) van/
loven(e) verantwerdt heeft als sijn borge en(de) de voirs(creven) henr(ic)/
gielkens met jacob van monthenake(n) dieme(n) heet coels/
die tot des voirs(creven) henr(ix) goede naeden rechte d(er) stat/
van loven(e) beleit es ende die geloeft heeft dese sake(n)/
vast en(de) gesteedich te houde(n) Ende hebben geloeft dat sij/
tusscen dit en(de) ons(er) vrouwe(n) lichtmisse(n) naest come(n)de v(er)gade(re)n/
selen te zichene(n) bij de goede ma(n)ne die ov(er) de hylix vorw(er)de/
wae(re)n die gemaect en(de) gesciet wairt tusscen den voirs(creven) h(e)r(e)n/
lambrechte en(de) henr(icke) gielkens doen hij des voirs(creven) he(re)n lambr(echts)/
dochter neme(n) soude Ende houden doen in beyde(n) sijde(n)/
soe wes de voirs(creven) goede ma(n)ne vand(er) voirs(creven) hylix vorwerden/
ter goeder meyni(n)ghen drage(n) ende tughe(n) selen sond(er) argelist/
cor(am) pynnoc calstr(is) wittema(n) hug(ar)de(n) velde naen ja(nuarii) xx
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byKarel Embrechts
Last update: 2016-06-08 by Agata Dierick