SAL7739, Act: V°285.1 (466 of 608)
Search Act
previous | next
Act V°285.1  
Act
Date: 1446-04-05

Transcription

2019-10-08 by Frans Feyaerts
It(em) peter van dongelb(er)ge natuerlijc sone peters wijlen van dongelb(er)ge die/
met lijsbetten dochter jans wijlen mathijs van gest a geropont uut macht/
van scepen(en) brieve van loeven(e) beleydt es totten haeflijken goeden des voirs(creven)/
wijlen peters van dongelb(er)ge vaders des voirs(creven) peters natuerlijc van welken/
beleyde de voirs(creven) peter de brieve alleen te hemwaert heeft, heeft geloeft der/
selver lijsbetten dat hij hoe(r) tot huerd(er) manissen tvoirs(creven) beleydt te baten bringe(n)/
sal inden rechte en(de) eld(er) huer daer met te moegen behulpen tot huerd(er) geliefte(n)/
op de helicht der voirs(creven) haven gelijc hem selven op dand(er) helicht sond(er) hue(r) d(aer)/
inne e(n)nigen stoot oft hynd(er) te doen oft te maken inder manie(re)n oft tselve/
beleydt alhier ond(er) scepen(en) van loeven(e) tot huerd(er) beid(er) behoef noch lage cor(am)/
wijtvliet voshem ap(ri)lis v[ta]
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byHadewijch Masure
Last update: 2015-12-01 by Jos Jonckheer