SAL7741, Act: V°261.4-R°262.1 (310 of 321)
Search Act
previous | next
Act V°261.4-R°262.1  
Act
Date: 1448-06-12
LanguageNederlands

Transcription

2020-06-06 by Gerry Van Helmont
Van m(ar)grieten sridders en(de) pete(re)n clincke/
Item also alse vander stadwegen van loeven(e) gescreven is geweest aenden/
schouth(eit) van rumpst ten versuecke m(ar)grieten sridders die mids machte/
van scepen(en) brieven van loeven(e) gegoedt en(de) gevesticht is inde goede h(ier)na/
bescreven die toetebehoiren plagen gielijse vander wijct Te weten(e) in ond(er)half/
boend(er) lands gelegen inde p(ro)chie van rumpst voir de wijndmoelen ald(air) tussche(n)/
de leengoede des voirs(creven) gielijs vander wijct en(de) de strate ald(air) It(em) in ond(er)half/
boend(er) lands gelegen dairby neven de goede des selfs gielijs ende de strate/
voirs(creven) dat hij bedwonge pete(re)n clincke zijnen ondersete hande te doen vande(n)/
selven goeden hem dach bescheidende voir meye(r) en(de) scepen(en) van loeven(e) (et)c(etera)/
Dair de voirs(creven) pet(er) niet comen en is mair is ten and(ere)n en(de) tweesten scrivene/
comen voir den raide d(er) stad van loeven(e) en(de) heeft ald(air) opgedaen dat hij/
de voirs(creven) goede tand(ere)n tiden in pechtingen en(de) jaerschae(re)n genomen heeft/
tegen henricken vand(er) wijct bege(re)nde zijnen t(er)mijn lanc due(re)nde noch/
drie jair of d(air)omtrent die goede uut te houden en(de) te gebruycken het/
en wa(r)e dat hij van rechts wegen dier afgaen moeste dwelc hij g(er)ne/
sond(er) dingen of vele moeyten doen wilde Mair also verre hem zijn/
hueringe bleve also hij hoepte dat van rechts wegen behoirde zo beg(er)de/
hij met eenen betalen vander selv(er) hueringen te gestaen en(de) tgelt d(air)af te/
stellen ond(er) de wet dair dat behoirde desen aengehoirt is inden
//
raide der stad van loeven(e) ov(er)dragen en(de) uutgesproken tusschen der/
voirs(creven) m(ar)grieten en(de) pet(ere)n zo v(er)re de selve m(ar)griete de voirs(creven)/
goede mids machte vanden voirs(creven) scepen(en) brieven te hoirw(er)t nempt/
dat zij den voirs(creven) pet(ere)n goede vestich(eit) stellen sal vanden selven goeden/
dat hij d(air)af ne(m)m(er)meer gepraempt of belast en sal werden ende/
zo verre de selve m(ar)griete hem de hueringe laett zo zal de/
voirs(creven) pet(er) tgelt vander selv(er) hueringen stellen ond(er) de wet d(air)/
dat behoirt inder v manie(re)n voirs(creven) is en(de) hij te rumpst en(de) oic/
op heden alhier gep(rese)nteert heeft Act(um) p(re)siden(tibus) k(er)smake(re) lynthe(re)/
burg(i)m(a)g(istris) in pleno (con)silio f(eria) iiii[ta] junii xii
Contributorsmyriam bols
Moderated bymyriam bols
Last update: 2014-09-15 by kristiaan magnus