SAL7783, Act: R°236.2 (471 of 713)
Search Act
previous | next
Act R°236.2  
Act
Date: 1499-02-16

Transcription

2020-03-20 by Willy Stevens
It(em) es te weten(e) dat den voirs(creven) rijder compt spruyten(de)/
uuyt eene(n) gelijken rijder erflijck die jan wijlen van/
buetsele natuerlijck jan wijlen sijn vader en(de) jan coghe/
sculdich wa(r)en henricke wijlen de wairzege(re) vander/
daet xiiii[c] lvi aug(us)[ti] ii die de voirs(creven) mo(m)boirs op/
heden overgegeve(n) hebben meest(ere)n barthelmeeuse boyen/
metten verloopen(de) pachten van vijf ja(r)en en(de) een half/
is dair o(m)me vorweerde dat de voirs(creven) arnold(us) de/
voirs(creven) pachten bynne(n) zesse weken naistc(omende) den voirs(creven)/
mo(m)boe(re)n betalen sal dwelc hij met des(en) geloeft/
t(am)q(uam) ass(ecutu)[m] Ende alsdan den voirs(creven) rijder nae des(er)/
stad recht veronderpanden oft verborgen dwelc hem/
best gelieve(n) sal Dwelck gedaen zijnde salme(n) des(en)/
brief te nyeute doen met des(en) cond(ici)[en] Cor(am) eisd(em)
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2014-08-26 by Jos Jonckheer