SAL7309, Act: V°118.7 (58 of 117)
Search Act
previous | next
Act V°118.7  
Act
Date: 1421-01-08

Transcription

2021-05-04 by myriam bols
Item want mathijs van mu(n)ten en(de) mathijs van mu(n)ten de jonge sijn soen v(er)coft/
hebben vanden goeden die hen aenkome(n) sijn va(n) katline(n) die wijf was adaems wile(n)/
boese boesijn een mud rox erflic So hebben sij geloeft henricke(n) boesin soen des voirs(creven)/
wilen adaems en(de) katline(n) yden boesijns die wijf es wout(er)s vande(n) royele bastart/
docht(er) des voirs(creven) wile(n) adaems en(de) katline(n) dat sij na de doet der selver katline(n) een/
mudde rox erflic weder in brengen selen eer sij mette(n) selve(n) henricke(n) boesin en(de) yden/
bosijns voirs(creven) deylen sullen aen de goede die hen vanden voirs(creven) katline(n) hoerre moeder/
versterven sullen opp(endorp) f(ilius) q(uon)da(m) godefr(idi) juede ja(nuarii) viii
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2013-12-04 by Jos Jonckheer