SAL7322, Act: V°65.1-R°66.1 (28 of 180)
Search Act
previous | next
Act V°65.1-R°66.1  
Act

Transcription

2020-01-04 by kristiaan magnus
Cont sij allen lieden dat jan de fuyc molde(r) ende henric van remunde/
come(n) sijn in jeg(ewoirdicheit) d(er) scepen(en) van lov(en) ende hebben geg(even) en(de) bekent/
dat sij gegeven hebben voe(r) hen hoe(re)n erfgename(n) en(de) nacomelingen/
geldolve vanden veken mesmake(r) sijnen erfgename(n) en(de) nacomelinge(n)/
de goede h(ier) nae bescreven geleg(en) inde scepstrate neven de goede/
jans wilen uuten lye(ming)[en] nu toebehoe(re)nde henric van roshem [ende willem vander bruggen] Te/
weten is een gedeelte van ene(n) huys [ter eerden] gelegen beneden ter/
scepstraten weert tusschen dander gedeelte vanden selven huyse/
ter eerden des voirs(creven) jans ende henrix ende de goede des voirs(creven)/
henrix van roshem [willems vand(er) bruggen] met enen cleynen camerken gelegen boven tvors(creven)/
gedeelte ter selv(er) straten weert van welken camerken opweert/
de voirs(creven) geldolf gheen recht hebben en sal met eenre cokenen/
beneden achter tvoirs(creven) gedeelte ende met enen gedeelte van/
enen stalle gelegen achter de voirs(creven) cokene ter slachstraten weert/
met enen uutgange inde selve slachstrate gelikerwijs dat dit/
gedeelte vanden huyse beneden de voirs(creven) cokene ende tgedeelte/
vanden voir(creven) stalle op de side ten goeden weert henrix van/
roshem [ende willems vander bruggen] vanden ande(re)n gedeelte vanden voirs(creven) huys beneden ter/
scepstraten weert vander cokenen eetcame(re)n en(de) gedeelte/
vanden stalle des voirs(creven) jans ende henrix beneden ter slachst(ra)ten/
weert op de side ten goeden weert jans wilen vos goutsmeets/
met eenre want onderslaghen ende beteekent is Welke want/
nu daer staende ende die sij inde stal maken selen beyden/
voirs(creven) p(ar)tyen ghemeyn sijn sal ende op hoe(re)n ghemeynen cost erflic/
gehouden werden te gade(r) metter g(r)[o]ter came(re)n [boven] ende alle/
den geheelen huyse achter dat geldolve oec toebehoe(re)n sal/
beghinnende op deynde vander cokenen des voirs(creven) geldolfs also/
achterweert tot der voirs(creven) slachstraten uut met eenen gange/
gaende vanden voirs(creven) gedeelte vanden vorsten huys [en(de) camerken] des voirs(creven) geldolfs/
boven de cokene des selfs geldolfs tot der g(r)[o]ter came(re)n ende/
achtersten huyse boven voirs(creven) Behoudelic dyen dat de heymelich(eit)/
beneden staende int gedeelte vanden stalle des voirs(creven) jan fuycs en(de)/
[ende henrix] dyenende boven achter op de came(re) des voirs(creven) geldolfs te nyeute/
/ sal sijn ende en sal de selve geldolf aldaer gheen recht behouden/
op hoe(r) erve [daerneven gelegen] heymelicheiden [te] setten Oec en sal de selve geldolf/
int voirs(creven) huys boven ter scepstraten weert van aen deynde vander/
cokenen des selfs geldolfs gheen recht hebben dan tvoirs(creven) cleyn cam(er)ken/
metten voirs(creven) gange ten echtersten huyse weert ende camerken vors(creven)/
desgelijx en selen jan de fuyc ende henric boven inde g(r)[o]te camere/
ende achterste huys boven ter slachstraten weert gheen recht/
hebben gelikerwijs dat de voirs(creven) gedeelten vanden came(re)n boven/
deen vanden ande(re)n met wanden die sij oec ghemeyn houden/
selen onderslaghen staen (et) erflic te houden en(de) te besitten op/
de helcht van iiii l(i)b(ra) van elf pe(n)nynghen van enen halven capuyne/
ende van enen hoydaege outchijs ende [op] de helcht van enen rijnschen/
It(em) hector de kas eo f(ilio) na(tur)alis florentii q(uon)d(am) de kers gulden(en) erftsijs te/
kerssavonde te betalen voirtane erflic Op welken tsijs voirscr(even)/
de voirs(creven) jan de fuyc geloeft heeft den voirs(creven) geldolve vanden veken/
ende sinen nacomelinghen de voirg(eruerde) goede van allen ande(re)n co(m)me(r) ende/
calangien te warande(re)n ende hem daer af altoes genoech te doen alsoe/
dat den selven geldolve eewelic genoech sal wesen
Ende om de/
meerde(re) sekerh(eit) den selven geldolve vanden voirs(creven) genoech doen ende/
warandeerscape te doen so heeft de voirs(creven) jan de fuyc dander/
gedeelte vanden voirs(creven) huys mett(er) co [met] sijnre cokenen eetcame(re)n metten/
gedeelte vanden stalle beneden metter came(re)n ende solde(r) boven ende/
sinen toebehoirten geleg(en) ten goeden weert des voirs(creven) jans vos wilen/
neest [bij] orlove shee(re)n vanden gronde den voirscr(even) geldolve tot ene(n) wettigen/
onderpande gheset Voertmeer heeft oec geloeft henric van remunde/
voirs(creven) den voirscr(even) geldolve vanden voirs(creven) goeden altoes genoech te doen/
ende die te warande(re)n op den tsijs voirscr(even) also dat den selven geldolve/
ende sinen e nacomelingen [erflic] vast ende seker sijn moege [sal] Met alsulker/
vorwerden [daer toegevueght] dat beyde de voirs(creven) p(ar)tyen tvoirscr(even) geheel huys houden selen/
boven van keepe(re)n ende van dake in goeden state half ende half Te weten/
de voirs(creven) geldolf vanden vorst vanden huys ten slachtstaten weert ende/
de voirs(creven) henric van remunde vanden vorst vanden selven huys ter scepst(ra)ten/
weert alsoe dat deen bij gebreke van houden des anders aen sijn/
huysinge gheen scade en lyde Ende hebben geloeft de vors(creven) geldol(ve)/
in deen side
beyde de voirs(creven) p(ar)tyen dat sij deen den ande(re)n sijn licht/
niet meer betymn noch vorde(r) betymme(re)n en selen vord dant nu/
steet betymmert steet sonder argelist Hier wae(re)n over haenw(ijc)/
vroede aug(usti) xxvi
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byKarel Embrechts
Last update: 2013-01-17 by Sabrina Keyaerts