SAL7338, Act: R°165.4 (202 of 519)
Search Act
previous | next
Act R°165.4  
Act
Date: 1443-11-12

Transcription

2019-11-06 by Roger Morias
It(em) er vorweerde hoe wale de voirs(creven) jannes den vorg(enoemden) diericke/
de voirg(eruerde) goede gewarendeert heeft voir eygen en(de) oftmen/
h(ier) namaels bevonde [uut den voirs(creven) goeden] chijs uutgaende gedragen(de) tott(er) so(m)men van/
twe cap(uyen) en(de) met meer [hoghen] dat de voirs(creven) dierick den voirg(enoemde)/
ja(n)ne [oft zijne(n) nacomelinge(n)] noch zijn goede d(aer) voe(r) niet prame(n) noch aenspreken en/
sal in gheenre manie(re)n eisd(em)
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2014-10-07 by Jos Jonckheer