SAL7338, Act: R°253.2-V°253.1 (304 of 519)
Search Act
previous | next
Act R°253.2-V°253.1  
Act
Date: 1444-01-31
Languages:Latinum,Nederlands

Transcription

2020-03-13 by Roger Morias
Item villicus lovan(iensis) median(tibus) scabinis lovan(iensibus) adduxit ratione dominii wil(he)lmu(m) vanden busdo(m)me/
ad om(n)ia et singula bona inmo(bilia) et he(re)ditaria philipphi vanden zijpe filii gerardi quond(am) vanden/
zijpe sit(a) apud grymbergen ac alibi ubicu(m)q(ue) locoru(m) infra braban(tie) p(at)riam [sit(a) (con)sist(unt)] in mansionibus/
domibus curt(ibus) t(er)r(is) arabilibus prat(is) pascuis vineis censu t(re)censa redditibus et suis/
p(er)tinen(tiis) univ(er)sis att(inentibus) pro debito illo videlicet octuaginta octo rijd(er)s aur(eorum) denar(iorum)/
monete (et)c(etera) ac c(er)tis recognicionibus et co(n)vencionibus consc(ri)pt(is) in l(itte)ris scabinor(um)/
lovan(iensium) quaru(m) tenor sequitur in hec verba Cont zij allen lieden dat willem/
soen he(re)n jans willen vanden busdo(m)me rijdders in den zijde en(de) philips vanden zijpe/
hee(re) van dertreghem en(de) van olsene neve des voirs(creven) willems in dande(r) zijde/
de welke teghen malcande(re)n zeke(r) gescille hebben uutstaende gehadt sijn bij/
rade ende onderwijze hue(re)r vrienden samentlic eens worden der poenten hier/
na bescreven Inden yersten heeft geloft de voirs(creven) willem den voirs(creven) philips zijne neve/
tot zijnre manissen over te gheven ende te laten volgen tslot met allen [den] goeden/
gelegen te tielbeke en(de) te ytterbeke alsoe die den voirs(creven) willem(me) vanden voirs(creven)/
wilen zijne(n) he(re) vader bleven zijn en(de) den zelven ph(ilip)s dair inne vestigen also/
dat behoert naden rechte der stad van loven(e) Behoudelic dien dat de voirs(creven)/
willem te hemwert behouden zal om zijnen vrijen wille dair mede te doene/
alle de haeflike goede ende alle thout op de zelve goede staende en(de) wassende/
en(de) zijn bewonen en(de) verke(re)n opt voirs(creven) slot en(de) goede niet zijnre familien/
zijnen leefdach lang Item sal de voirs(creven) philips den voirs(creven) willem(me) zijne(n) oem tot/
zijnre manissen overgeven ende dair inne vestighen also dat behoert zijn/
leefdaghe lang in alle de goede also verre en(de) gelijc des voirs(creven) philips moeder/
die te besitten(e) en(de) te heffen(e) plach ende oic inde vijftich gulden(en) renten erflic
//
die hem verstorven zijn van mijnre vrouwen vanden busdo(m)me zijnder ouder m(oeder)/
ende oic in alle de goede die den voirs(creven) ph(ilip)s van zijnre moeder weghen v(er)storve(n)/
ende toecomen zijn sonder des voirs(creven) willems cost ende oft hij des voirs(creven) es/
niet gedoen en conde dat hij dan elswaer also vele goede den voirs(creven) willem/
inde stad besetten ende vestigen [bewijsen] sal als die gedragen moegen Item sal de voirscr(even)/
philips bynnen eenen jae(r) naestcomen(de) besetten de erflike dienste ende jae(r) getijden/
also die des voirs(creven) ph(ilip)s moeder gheordineert heeft van welken dienste de voirs(creven)/
willem zijn leefdaghen lang dispone(re)n en(de) ordine(re)n sal mogen Item sal de voirs(creven)/
philips den voirs(creven) willem(me) zijnen oem vestighen in alsulken v mudden corens/
erflic te zijnre manissen als hij heeft ende houden(de) es op te goede van vrone(n)velde/
Ende alle de voirs(creven) poenten hebben geloeft de voirs(creven) willem ende philips mal(c)a(n)de(re)n/
te voldone alst vervolghde schout ende sonder argelijst Ende myds desen stelt/
de voirs(creven) philips voe(r) hem en(de) zijn nacomelingen volcomentlic quijt willem(me)/
zijne(n) oem voirs(creven) clase van oedevelde ende janne van wedergrete voe(r) hen en(de) hue(re)n/
nacomelingen van allen geloften hanteringen ende zaken dair inne zij oft e(n)nich/
van hen besunder gehouden mochten zijn ten voirs(creven) ph(ilip)s wert van wat/
zaken dat zij tot opden dach [toe] van heden Gelovend(e) de selve philips den voirs(creven)/
drie p(er)sonen tot hue(re)n manissen oft e(n)nich van hen van des voirs(creven) is heb/
behoerlic quijtsceldinghe te doene tallen [t(er)] plaetsen dairt hen dat behoeven sal en(de)/
dat behoert [Hier wae(re)n over] oppendorp vynckenbosch januarii scepen(en) van loven(e) gegeven int jae(r)/
ons he(re)n duysent vierhondert tweenveertich twintich daghe in januario in quo/
Et h(ab)uit que(re)las h(iis) interfuerunt voshem dormale januarii ultima
Contributorskristiaan magnus , Mi-Je Van Gils
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2014-11-18 by Jos Jonckheer