SAL7338, Act: R°323.2 (379 of 519)
Search Act
previous | next
Act R°323.2  
Act
Date: 1444-03-11

Transcription

2020-11-15 by Roger Morias
Item lyebrecht van verssen als geleyt totte(n) haeflijken goeden vranx/
vanden rodeken in deen zijde ende woute(re)ns hazen als rentm(eeste)r en(de)/
gemechticht vande(n) abdt van tong(er)loe in dande(re) hebben deen jegen/
den ande(re)n naevolgende d(er) t(er)mi(n)atien vander stad dach van recht/
genomen te comen(en) inde banc voe(re) meye(r) en(de) scepen(en) aldair van/
morgen in xiiii nachtren te mistide ende de goede dair om de/
questie es selen blive(n) staende in staete totte(n) voirs(creven) dage toe van/
rechte als zij wae(re)n en(de) stonden ten tijde als de voirs(creven) lybrecht/
geleyt was Ende om dat de voirs(creven) vranc vande(n) rodeken hem/
beduchte alhier ten voirg(eruerde) dagen van rechte vande(n) voirs(creven) rentm(eeste)r/
ghehacht te werden soe heeft hem en(de) de selve rentm(eeste)r behoirlic/
geleide gegeven om op den voirg(eruerden) dach en(de) ande(re) minlijke dage/
dat zij hie(re)n tussche(n) houden mochte(n) om met malcande(re)n te/
ov(er)comen(e) te ghane te keren cort en(de) lange in en(de) uut der/
stad van loven(e) sond(er) hynder en(de) letse(n) hem af te gestaen/
act(um) in pleno consilio p(rese)nt(ibus) lomb(ar)t pynnoc scab(in)is (et)c(etera) f/
m(ar)tii xi
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2014-11-25 by Jos Jonckheer