SAL7345, Act: R°221.1-V°221.1 (364 of 627)
Search Act
previous | next
Act R°221.1-V°221.1  
Act
Date: 1452-01-28

Transcription

2019-07-31 by Chris Picard
Opt gescille dat lange gehangen heeft tusschen jehe(n)nen van/
chyneamont in deen zijde janne le gelle en(de) masalame zijn/
wijf in dande(r) van diverse(n) gebreke(n) spruytende uuter hanteringen/
van dat de voirs(creven) jan der voirs(creven) jehannen hoff in helicht wy(n)ninge/
gehouden hadde op zeke(r) condicie daer af de selve jehanne/
gebrec hadde en(de) oic van mesdaden die de selve jan en(de) zijn/
wijf der voirs(creven) jehannen gedaen souden hebben ende insgelix/
van zeke(re)n eysschen die de selve jan en(de) zijn wijf ter voirs(creven)/
jehe(n)nen weert daden Van welker saken p(ar)tien hue(r) bescheit/
bijbracht hebben voe(r) den raide vander stat es ten uut(er)sten/
getermijneert des hier nae volght Inden yersten dat jan/
le gelle voirs(creven) der voirs(creven) jehannen restitucie doen sal van dat/
i(½) dachmale lants gelegen in twee stucken daer af hue(re)n/
eysch ruert ongewonnen en(de) ongesaydt hebben gelegen twee/
jaer lanc Item dat de selve jan der voirs(creven) jehe(n)nen sal/
restitucie doen van dat hij tusschen iiii oft [en(de)] v boende(re)n/
zomercorens qualic bedreven en(de) tontijde besaeydt heeft Ite(m)/
dat jan de winter en(de) somervrchten somervruchten tsijnen uutgane/
besaet sal laten op getidege voe(re)n Item dat de voirs(creven) jan der vorscr(even)/
jehannen restitucie doen sal van dat hij een gedeelte vanden/
somervruchten op een jaer gruen en(de) te vroegh dede maeyen/
Item dat de selve jan jehannen sal oprichten van dat hij een/
boend(er) hoefs jehanne(n) toebehoe(re)nde heeft laten liggen ongewonne(n)/
en(de) al des voirs(creven) es tot taxacien van goeden mannen hen des/
verstaende Item dat jehanne ongehouden sal zijn vanden eyssche/
die jan te hue(r)weert doet alse vanden packe dat jan/
seeght dat jehanne aenveert soude hebben van zijnen goede(n)/
want zijt den richter weder gelevert heeft Item jan voirs(creven)/
sal ongehouden zijn vander ticht de jehanne te hemweert/
doet alse van dat hij een dachmale lants niet gewonnen oft/
besaeydt en soude hebben ende vanden mergelen(e) vanden/
lande vanden beesten te hoeden vanden verrotten houte/
en(de) wasse na dat zij hue(re)rs vermets niet volcomen en es/
de pointen inder vestich(eit) besproken en(de) gesloten te wezen/
Item van dat jan seeght de wynter en(de) somer coren(en) wel/
bedreven ende besaeyt te hebben ende
van dat als hij allet/
stroe op hue(r) lant te meste bekeert soude hebben desgelecx/
dat jan jehannen hue(r) hout thue(re)n versueke gelevert heeft/
/ en(de) een voeder hoys als hij des versocht wordt Voert van dat hij de/
helicht vanden goeden bevreedt heeft voertaen dat hij jaerlix/
jehannen c walms gelevert heeft om op hue(r) huyse te v(er)decken/
Insgelix dat hij de brake uutgenomen v(½) boender tsijne(n) afscheiden/
omgedaen heeft dat hij de wyntervruchten en(de) somervruchten/
besaeyt heeft gelaten also hij die vant tsijnen aencomen de/
wyntervruchten op vier voe(re)n en(de) de somervruchten op twee/
voe(re)n Item van dat jan seeght dat hij jehannen lande met/
goeden zade bezaeyt heeft van welken pointen Item beghinnen [beginnen(de)]/
Item van dat jan seeght de wynt(er) en(de) som(er) coren (et)c(etera) [hij alle stroe (et)c(etera)] jehanne gheen/
gebrec bij geleeght en heeft te thoenen maer meynt dat/
jan dair af bewijsenisse doen sal Deilende de selve jan van dese(n)/
pointen jehannen den eedt daer af sal de selve jehanne kyeze(n)/
den eedt te gheven oft te neme(n) Item jan en(de) zijn wijf selen/
ongemoeyt zijn vanden eyssche die jehanne te huer weert doet/
van dat zij hue(r) geslagen en(de) gequetst souden hebben mits/
den eedt die zij daer af hebben gedaen Item de costen gedaen/
metten hoeden die gelegt zijn gheleeght zijn inde goede/
jans le gelle ter stat versueke en(de) de costen van getuyghe(n)/
en(de) ande(r) bij p(ar)tien ind(er) saken geleden behoudt de stat te hue(r)weert/
om die te gruetsen en(de) daer af te termijne(re)n als zij den eysch/
van p(ar)tien daer af sal hebben gehoert act(um) in pleno (con)silio/
ja(nuarii) xxviii
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2016-03-15 by Jos Jonckheer