SAL7348, Act: R°277.1 (490 of 662)
Search Act
previous | next
Act R°277.1  
Act
Date: 1455-03-18

Transcription

2020-07-11 by Jan Boncquet
Item tvo(n)nisse tusschen jacope van ravesvort in deen zijde en(de) henricke/
van putteghem in dande(r) alse van xvi guld(en) peters die henric/
des vors(creven) henricx natuerlix sone den vors(creven) jacope voe(r) scepen(en)/
van loven(e) geloeft hadde welke schout also de vors(creven) jacop/
meynde de vors(creven) henric de vad(er) hem namaels geloeft soude/
hebben voe(r) goede ma(n)ne(n) also hij boet te thoene(n) Dair af de selve/
henric de vad(er) hoepte ongehouden te zijne ontkynnen(de)/
de geloefte vors(creven) Was gewijst met desen worden dat/
de vors(creven) henric ongehoud(en) sijn soude vand(er) aensp(ra)ken die/
de vors(creven) jacop te hemweert gedaen hadde p(rese)ntib(us) o(mn)ib(us) scab(inis)/
vide(licet) kersmake(re) roel(ofs) velde pryke(re) m(ar)cii xviii
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2016-11-08 by Xavier Delacourt