SAL7360, Akte: R°180.2-V°180.1 (388 van 667)
Zoek akte
Vorige | Volgende
Akte R°180.2-V°180.1  
Act
Datum: 1467-02-19

Transcriptie

2019-02-04 door myriam bols
Vander aenspraken die joes nijs als procur(eur) ende voirganghe(r) jans vander/
hoeve(n) na(tur)lijcx sone willems wijlen vander hoeve(n) van keerberghe(n) aldair/
gedaen heeft [tot mychiel eelwijts] segghende hoe dat de selve wijlen willem vader des/
voirs(creven) jans gecocht hadde eene(n) sack rocx lijftochten ten live des voirs(creven)/
jans zijns soens bebrieft met scepen(en) br(ieve) van keerberge(n) voirs(creven) den welke(n)/
een geheete(n) gheert wilen van bullestrate(n) die getrout hadde m(ar)grieten/
vander hoeve(n) wettighe dochter des voirs(creven) wilen willems hadde doe(n)/
afleggen ende de pe(n)ni(n)ghe d(air) af comen(de) tot zijne(n) profijte en(de) te hemwert/
getogen sonder den selve(n) janne die ter dier tijt o(n)mondich ende onder zij(n)/
jae(re)n was oft zijne(n) vrienden dat aen te siene oft hen d(air)af in eenigher/
wijs te contente(re)n Segghen(de) voirt dat de voirs(creven) gheert aflivich worde(n)/
wae(re) ende nae hem gelaten de voirscr(even) magriete zijne wettighe/
medeseselinne die nu ter tijt nae staet der heyligher kerken getrout/
heeft eenen geheeten mychiele eelwijts ende dat de voirs(creven) mychiel/
de have achter den selven gheerde gebleve(n) aenveerdt hadde hopen(de)/
mids dien de voirs(creven) joes p(ro)cur(eur) wae(r) hij de voirs(creven) pointen ghe/
thoenen conste gelijck die voirs(creven) staen dat dan de voirs(creven) mychiel/
gehoude(n) soude zijn den voirs(creven) joese inden name als boven den/
voirs(creven) sack rox gelijck hij dien aengesproken heeft te voldoene/
oft uuyterlijck de pe(n)ninghe ende verloope(n) renten te betalen/
Dair tege(n) de voirs(creven) mychiel hem verantw(er)de ende dede segghen/
dat hij hoopte datmen dat ne(m)m(er)meer bevi(n)den en soude dat de/
voirscr(even) gheert de voirs(creven) lijftocht te hemwerf getoge(n) soude hebbe(n)/
oft dat hij oick de pe(n)ninghe dair af comen(de) opgebuert oft ontfa(n)g(en)/
hadde al waert soe dat de voirs(creven) wilen willem den voirs(creven) janne/
zijne(n) sone bastart sone e(n)nichssins anderwile(n) mocht hebbe(n) v(er)sien/
dat en conste hem oft sijne(n) wive tot gheene(n) hynde(r) oft achter/
deele gedragen Seggen(de) tot dien dat de voirs(creven) joes gheen
//
scult nae recht op hem behalen en soude co(n)nen dan alsoe hij dat/
op eene(n) dooden sculdich wae(re) te halen gemerct dat de voirscr(even)/
wijlen willem ende gheert beyde aflivich worden wae(re)n ged(ra)gen(de)/
he(m) des totten rechte Is gewijst dat de voirs(creven) joes als p(ro)cur(eur)/
ende voirgange(r) des voirs(creven) jans met zijnder aensprake(n) v(er)doelt/
was mair hadde hij yet te volgen(e) dat hij dat dade en(de)/
met rechte p(rese)nt(ibus) scabinis in scampno febr(uarii) xix
Nagekeken doorMi-Je Van Gils
ModeratorMi-Je Van Gils
Laatste update:: 2016-06-15 door Xavier Delacourt