SAL7360, Act: R°281.5-V°281.1 (607 of 667)
Search Act
previous | next
Act R°281.5-V°281.1  
Act
Date: 1467-05-28

Transcription

2019-06-17 by myriam bols
Item gheert vander meren sone wilen jans ter vuren en(de) wouter/
van rotselair sone wilen henricx woenen(de) te goirdale in p(rese)ncia/
hebben gekint en(de) gelijdt inden name en(de) van wegen jans/
de cock sone wilen jans die hij hadde van katlijnen van lare/
sijnen wijve onder zijn daghe wezende dien zij hier inne/
gelooft hebben te vervangen zoe wanner hij tzijnen dage(n)/
comen sal zijn dat zij ontfangen hebben en(de) wael/
gecontenteert zijn bijden vors(creven) katlijnen en(de) wille(m)me van/
muyswynckele geheten mertens hue(re)n tweesten man/
vanden pe(n)ningen gecomen vanden opgaende [eyken(en)] houte schar/
houte alboemen popeleren noteleren elsen willigen hoye
//
stroe ploeghe eeghden mergelkisten wagen peerden coyen en(de)/
vercken(en) uutghescheiden vanden bedden en(de) ande(re)n huysrade dies/
men bynne(n)huyse orbert als den voirs(creven) jonghen bleven en(de)/
verstonrven sijn na en(de) vander doot jans wilen de cock ouder/
vader vanden selven jongen ter tijt dat de vors(creven) katlijne sat/
scat? in hue(re)n weduwe stoele Gelovende dair om den selven/
gehuyssche dair af ny(m)mermeer aentespreken te moyen noch/
te vexeren bij hem selven oft yemant and(er)s in gheene(n) rechte/
gheestelic noch weerlic Hebben vort gelooft dat zij/
de pe(n)ningen vors(creven) met meer ande(re) pe(n)ningen die zij oic/
onder hebben gecomen vanden erfliken goeden en(de) houte/
als den vors(creven) jongen va(n) wegen als voir verstorve(n) is dair/
af zij de pe(n)ningen oic onderhebben Ten yersten dat/
zij sullen connen aenleggen zullen ter lijftocht ten live/
der vors(creven) ka(tlij)[ne(n)] der moed(er) en(de) huers soens vors(creven) en(de) des/
lanxsten van hen beiden leven(de) oft ter erfrenten welcke/
renten also gecocht en(de) dande(re) renten des selfs soens/
volgen sullen der vors(creven) ka(tlij)[ne(n)] d(er) moeder tot d(er)re tijt toe/
dat hij tot sijnen mu(n)degen dagen comen sal zijn dar?/
voir de selve moeder den selven sone gehouden sal/
zijn te houden temelic van eten drincken en(de) cledinge(n)/
thue(re)n laste dat de vors(creven) willem van muyswinckele also/
gelooft heeft te doene cor(am) eisd(em)
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-06-15 by Xavier Delacourt