SAL7361, Act: R°139.2 (294 of 503)
Search Act
previous | next
Act R°139.2  
Act
Date: 1467-09-26

Transcription

2019-08-11 by myriam bols
Acht(er)volgen(de) den vo(n)nisse van scepen(en) van loven(en) staen(de) onder ons/
v[ta] septembr(is) lestleden geweesen tuscen tusscen mathise machiels/
ter eend(er) sijden en(de) daneele vand(er) rivie(re)n reyners sone in dande(re) dair/
inne onder den ande(re)n geruert wordt dat de vors(creven) [math(ijs)] zijn schout die/
hij aend(en) vors(creven) reyne(re)n heeft uutstaen(de) en(de) dair voe(r) hij beleit es/
totte(n) goeden des selfs reyners bij sijnder eedt verifice(re)n soude/
Soe heeft de vors(creven) mathijs om den vo(n)nisse genoech te sijne op/
sijne(n) eedt inde banc voir meye(r) en(de) scepen(en) van loven(en) genome(n)/
en(de) ten heiligen geswore(n) dat hij opden brief vand(er) lijftocht/
van drie rijders lijfpen(sien) dair inden selve(n) vo(n)nisse af geruert wort/
vand(er) tijt dat hij gemaict was niet ontfangen en heeft dan drie/
rijd(er)s eens van pachte en(de) datme(n) hem alle dande(re) p(ri)ncipael ende/
pachte noch dueghdelic sculdich en(de) belanc es mette(n) coste(n) va(n) rechte/
ind(er) sake(n) geloepe(n) cor(am) roela(n)ts ty(m)ple neth(enen) col(en) ouder(ogghe) sept(embris) xxvi
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-12 by Jos Jonckheer