SAL7361, Act: R°140.2-V°140.1 (296 of 503)
Search Act
previous | next
Act R°140.2-V°140.1  
Act
Date: 1468-02-13

Transcription

2019-08-11 by myriam bols
Vander aenspraken die joh(ann)es lambrechts de jonge als meye(r) van bierbeke/
gedaen heeft tot willem(me) den smet en(de) daneele vand(en) dale daer hij hen/
opseyde dat zij in eender (con)posicien te bierbeke gemaict van eenen/
geheete(n) he(n)nen loots die daer gevange(n) sat en(de) met forccen? van vele/
gesellen uutgehaelt w(er)t voer de misdaet vand(en) selve(n) he(n)nen en(de) den/
vors(creven) gesellen hem gelooft hadde(n) vestich(eit) te doene van vijftich guld(en)/
rijders en(de) vijftich guld(en) leeuwe bieden(de) dat met meer pointe(n) te thoene(n)
//
dwelc de vors(creven) verweerd(er)s ontkinde(n) en(de) en meynde(n) inde(n) vorscr(even)/
aenlegge(r) niet gehoude(n) te sijne en(de) allig(eer)den voirt alrehande poi(n)ten/
voir hen dyenen(de) Wart gewijst bijde(n) he(re)n scepen(en) van loven(en) ter/
maniss(en) smeyers na aensprake v(er)antweerd(en) en(de) thoenisse van/
beiden p(ar)tien dat de vors(creven) jan meye(r) van bierbeke opde vors(creven)/
verweerde(re)n met sijnd(er) aenspraken verdoolt es P(rese)ntib(us) o(mn)ib(us) scab(in)is/
febr(uarii) xiii
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-12 by Jos Jonckheer