SAL7361, Act: V°173.2 (363 of 504)
Search Act
previous | next
Act V°173.2  
Act
Date: 1468-03-22

Transcription

2019-08-30 by myriam bols
Item want peter beyart als des mechtich met behoirliker/
procuracien vanden eerweerdigen hee(re) abt en(de) convent des/
godshuys van sinte bernarts opt scelle hem metter stat brieve/
van loven(en) hadde doen leve(re)n de goede hier na bescreve(n) voir/
de betalinge van twee pont grote tornoese alsulc als de statt/
van mechelen jairlix hue(re)n pensionarisen betaelt lijfpensien/
staen(de) ten live he(re)n jans naghels r(e)ligieux des vors(creven) godshuys/
[bebrieft met scep(enen) brieve(n) van lov(enen)] aen welcke goede jan van muysen(en) jan de rijke willem bloc/
en(de) lodewijc van heyst hem ongebruyc deden en(de) die hielden/
en(de) hantplichten zond(er) den vors(creven) procur(eur) te vernuegen vand(er)/
lijftocht vors(creven) Dair af den dach van rechte op heden diende/
inde banc voir meye(r) en(de) scepen(en) van loven(en) tot welcken/
dage de selve vier p(er)sone noch gheen van hen niet en/
zijn gecompareert soe hebben de vonnissen d(er) scepen(en) van/
loven(en) ter manessen smeyers gewesen datmen den vors(creven) procur(eur)/
vanden vors(creven) goeden houden sal inde macht vanden voirscr(even)/
scepen(en) brieve(n) en(de) leveringen zoe verre alst noch voir hem/
comen is P(rese)ntibus scabinis in scampno m(ar)cii xxii
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-19 by Jos Jonckheer