SAL7366, Act: V°36.4-R°37.1 (77 of 598)
Search Act
previous | next
Act V°36.4-R°37.1  
Act
Date: 1472-08-17

Transcription

2019-02-18 by Claire Dejaeger
It(em) balthasar wigger na(tur)lijc sone henricx wigger in p(rese)ncia/
heeft gehuert jege(n) willem(me) van baussele als rintmeester des/
lants van sichen(en) de bouchoutmoele(n) gelegen te thielt met hue(re)r/
toebehoirte(n) gelijc die van outs v(er)pacht is geweest vande(n) x[te(n)]/
daghe van oechst lestleden eene(n) t(er)mijn van drie jaren lang/
v(er)volgende Elcx jaers darenbinne(n) om xvii mudde rocx d(en)/
hee(re) en(de) i mudde rocx [de(n) rintm(eeste)r] algad(er) goet en(de) payabel d(er) mate(n) va(n)/
loeven(en) met wanne en(de) met vede(re)n wel bereyt de(n) voirs(creven)/
rintmeester te betale(n) en(de) te zichen(en) te levere(n) alle ja(r)e de(n)/
voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) te wete(n) alle v(ier)del jaers tvierdel d(air) af/
q(uo)lib(et) ass(ecutu)[m] Met (con)dicie(n) wa(n)t de voirs(creven) moele(n) van sintjans(mis)se/
baptisten [lest] voirleden gehouden is geweest van tshe(re)n weghen/
dat de selve rintmeester behoude(n) sal de p(ro)ffiten gewonnen/
metter voirs(creven) moelen tot desen daghe toe sonder dat dair/
inne de voirg(enoemde) balthasar yet gericht sal zijn en(de) des sal de/

//
selve rintm(eeste)r den selve(n) balthasar corte(n) ten naeste(n) toecomende(n)/
sintjansmisse naestcomen(de) va(n) zijnen pachte alsoe vele als den/
pacht vander selver moelen gedragen soude na gelande vand(en)/
tide dat die van she(re)n wegen is gehouden en(de) na gelande/
vanden pachte boven gescr(even) It(em) is vorwerde dat de rintm(eeste)r/
voirs(creven) de huysinge vander voirs(creven) moelen houde(n) sal water/
ende wyntvast ende vanden steene(n) en(de) rep(ar)acie(n) alsoe dat werc/
lude hen des v(er)staende segge(n) sele(n) moegen dat de voirg(enoemde)/
moelene(r) dair mede moegelijc sal moege(n) wynne(n) zijn/
broot sonder argelist Ende oft de voirs(creven) moelen bij gebreke/
van rep(ar)acien stille staen moeste datme(n) den molde(r) d(air)/
af cortsel doen sal na gewoente van andere(n) molene(n)/
ende na gelande vanden pachte en(de) tide Des sal de voirs(creven)/
molde(r) gehoude(n) zijn de voirs(creven) moele(n) te houde(n) van ca(m)men/
ende spillen sond(er) she(re)n last en(de) insgelijcx vand(er) underster/
rijkelen nederw(er)t van latten vitsen en(de) plecken ende va(n)/
tymmeren soe v(er)re hij dat met eene(n) hafteele doen mach/
Ende alle dese vorw(er)den h(ier) af zijn borghen de voirs(creven)/
henrick wigg(er) de vader en(de) lambrecht wigger zijn brued(er)/
Et p(ri)mus cor(am) eisd(em
ContributorsGreet Stevens
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2016-07-27 by Xavier Delacourt