SAL7376, Act: R°161.2-V°161.1 (325 of 753)
Search Act
previous | next
Act R°161.2-V°161.1  
Act
Date: 1482-12-09

Transcription

2021-02-17 by  Marie-Bernadette Desmedt
Na dien dat joh(ann)es vander hofstadt inde banck voir/
meye(r) en(de) scepen(en) van loeven(e) met zijnder ae(n)spraken heeft willen
//
voirtvaren op seke(re) goede die h(er) machiel absoloens ridde(r) scepen(e)/
te loeven(e) houden(de) es met scepen(en) brieve(n) van loeven(e) [vacat]/
[vacat] heeft de voirs(creven) h(er) machiel dat geschut seggen(de)/
en(de) p(rese)nterende te bewijsen(e) want de selve joh(ann)es voirmaels hem/
betogen hadde vanden selve(n) goede inden brabantschen raide/
dair die sake noch hinck ombelicht en(de) de selve joh(ann)es oick/
tande(re)n tijden hier op bego(n)nen hadde te volghen inde banck dair/
de goede gelegen waren welcke p(ro)cedu(r)e hij uut crachte van zijne(n)/
loeven(sche) brieve(n) hadde doen afscriven soe sustineerde hij dat de/
voirs(creven) ja(n)nes eer hij ontfangbaer alhier zijn soude in rechte sculdich/
soude zijn die p(ro)cedu(r)e te bruessel geschiet en(de) alnoch hangen(de)/
voir al afte doen(e) met meer reden(en) den voirs(creven) ja(n)nese die/
niet en ontkinde de selve p(ro)cedu(r)e te bruessel geschiet de/
co(n)trarie houden(de) Es gewijst gelieft den voirs(creven) joh(ann)ese vander/
hofstadt alhier voirts te varen(e) dat hij de vorste p(ro)cedu(r)en/
hieraf elswair geschiet ierst afdoen sal cor(am) eisd(em)
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2016-11-15 by Xavier Delacourt