SAL7376, Act: R°47.4-V°47.1 (110 of 753)
Search Act
previous | next
Act R°47.4-V°47.1  
Act
Date: 1482-07-26

Transcription

2019-08-03 by  Marie-Bernadette Desmedt
It(em) cornielijs vand(en) berghe volde(r) heeft bekint gehuert te/
hebben(e) tegen laureyse nijs al(ia)s leestmake(r) thuys en(de) hof/
metten toebehoirten desselfs lauwereys soe hem dat aldair/
bewesen es gelegen tegen over der capellen va(n) s(in)[te] m(ar)grieten/
over de voere tegen de vier heymskinde(ren) naest de vier heymskinde(ren)
//
den vosken te houden en(de) te hebben va(n) s(in)[t] jansmisse bap(tis)[te(n)]/
lestleden een jair lang vervolgen(de) om en(de) voe(r) vi r(insche) g(ulden) te xx/
stuvers tstuck drie pl(a)c(ken) pro stuf(ers) tsjaers alle vierdel jairs/
tvierdel te vo(r)en te gheven d(aer)af hij terstont tvierdel gereet/
gheven sal met vorweerden dat de selve cornielijs ende/
laureys va(n) malcande(re)n tallen vie(re)ndeel jairs sullen moegen/
scheyden behalven de ghene die alsoe scheyden wilt dat hij/
dat den ande(re)n een vierdel jairs te voren souden moeten/
cu(n)digen cor(am) buetsel burg(imagistr)[o] julii xxvi
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2016-11-09 by Xavier Delacourt