SAL7377, Act: R°79.2-V°79.1 (159 of 949)
Search Act
previous | next
Act R°79.2-V°79.1  
Act
Date: 1483-08-29

Transcription

2020-06-07 by arlette De Paepe
Item jan dierix zone wilen jans ende henrick dirix zij(n) brued(er)/
beyde van rillair in p(rese)ncia hebben gekint ende gelijt met/
consente wille weten(e) bijzijne en(de) ov(er)geven(e) katlijne(n) bosscharts/
weduwe des voirs(creven) wijlen jans dierix huer(er) moeder dat zij/
met malcande(re)n eensworden en(de) v(er)accordeert zij(n) der punte(n) cond(icie)[en]/
en(de) vorweerden h(ier) nae v(er)cleert die zij voir hen hue(re)n erve(n) en(de) nacomeli(n)g(en)/
malcande(re)n geloeft hebben tonderhouden(e) ende tacht(er)volgen(e) Yerst/
dat den voirscr(even) henricke t(er) stont volgen sal niet tege(n)staen(de)/
de tocht van zijnder moeder een stuck boschs gelegen onder/
misselbroeck tusschen de goede arnts reers t(er) eender en stasse/
luykers t(er) ande(re) Ende hier mede sal de voirscr(even) henr(ic) uutblive(n)/
ende te vreden zijn van allen den goeden het zij have oft erve/
die hem nae de doot van zijne(n) voirs(creven) vader verstorve(n) moege(n)/
zijn oft nae de doot van zijnder moeder toecome(n) souden moege(n)/
soe v(er)re de selve moeder die nu tertijt mett(er) hant heeft/
Ende t(er) ande(re) zijden sullen den voirscr(even) ja(n)ne volgen alle/
de ande(re) goede beruerlijck en(de) omberuerlijck hoedanich die/
zijn wair die gelegen oft bevonden zullen moege(n) worden/
die de voirs(creven) zijn vader en(de) moeder tsame(n) oft de moeder/
alleene he beseten hebben zonder dat de voirscr(even) henrick/
d(aer)inne nu oft naede doot zijnder voirs(creven) moeder e(n)nich recht/
sal moegen hebben oft eysschen in e(n)niger manie(re)n Des/
sal de selve jan zijnder voirs(creven) moeder d(aer)op hue(re) leefdaghe/
lanck tamelijck houden va(n) eten(e) van drincken(e) va(n) clede(re)n/
schoen en(de) anders des huer behoeve(n) sal met condicien oft/
/ de voirscr(even) jan te huwelijcke toge ende der voirs(creven)/
zijnder moeder alsdan niet en geliefde bij hem te bliven(e)/
oft dat hij huer niet en dade hue(r) behoefte al en wae(re)/
hij oick niet gehouwet soe soude de voirs(creven) moeder/
hue(r) hant aende goede des voirs(creven) jans hem alsnu/
ov(er)gegeve(n) moegen slaen en(de) die aenveerden ende te/
huerwert trecken gelijck oft dit tractaet niet gesciet/
en wae(r) Ende op alle dese vorweerd(en) en(de) condicien sulle(n)/
de voirscr(even) gebruede(re)n elck op des anders gedeelte v(er)tid(en)/
p(ro)mitt(entes) sat(isfacere) cor(am) berge nausnyde(re) augusti xxix
Contributorskristiaan magnus
Moderated bykristiaan magnus
Last update: 2016-11-22 by Xavier Delacourt