SAL7384, Act: R°377.1-V°377.1 (695 of 1044)
Search Act
previous | next
Act R°377.1-V°377.1  
Act
Date: 1491-03-03

Transcription

2020-05-13 by fernand BERTRAND
Condt zij eene(n) yegelike(n) dat gerardt van baussele die/
geleyt es naed(er) stadt recht van loven(e) tot alle(n) den goed(en)/
have en(de) erve willems van pape(n)broeck zijns wy(n)nen te cortenake/
in deen zijde en(de) deselve willem van pape(n)broeck in dande(re)/
Sijn van hue(re)n gescille(n) die zij underlinge(n) hadd(en) der selver/
wy(n)ninge(n) en(de) anders aengaen(de) verenicht en(de) v(er)accordeert ind(er)/
manie(re)n hiernae v(er)cleert en(de) soe h(ier)nae volgt van pointe/
te pointe die welke zij deen dand(er) geloeft hebben te/
houd(en) en(de) tacht(er)volgen(e) Ierst heeft de voirs(creven) wy(n)ne gekint/
dat hij den voirs(creven) gerarde sculdich is van gewarig(er)/
en(de) duechdeliken schout de so(m)me van xxxii r(insche) guld(en)/
te xx stuv(er)s en(de) xiii(½) stuv(er)s den stuv(er) te drie plecke(n)/
en(de) twee en(de) een half mudde i mol(evat) rox der maten van/
diest Voirt heeft hij gekint gerarde sculdich te zijne/
van zijne(n) weygelde van s(in)[te] m(er)tensmisse lestleden/
negen(en)vijftich guld(en) te x stuv(er)s tstuck drie plecke(n) brabants/
voe(r) den stuv(er) bove(n) seke(re) beemde hoye en(de) ande(re) g(ra)cie die/
de voirs(creven) gerard gedaen heeft bij ond(er)wijse van goeden/
ma(n)nen Op welke schout de voirs(creven) gerardt vand(en)/
voirs(creven) sijne(n) wy(n)ne neme(n) sal drie tijtkelve coeye den/
wy(n)ne toebehoren(de) t(er) taxacien en(de) alsoe ze twee goede/
manne(n) prijsen sullen datse nu gelden mochte(n) Ende die/
drie coeye sal deselve wynne vand(en) voirs(creven) sijne(n) meest(er)/
neme(n) in hueringe(n) en(de) te vued(en) en(de) houd(en) loflijc vand(en)/
dage van hed(en) drie jair lanc eenp(er)lijc acht(er)volgen(de) elcx/
jairs elck coe om xxiiii st(uvers) drie pl(a)c(ken) brab(ant) voir/
elke(n) stuv(er) te betalen(e) altoes te halfm(er)te dierste betali(n)ge/
van half m(er)te naistcomen(de) ov(er) jair en(de) dier coeyen oft/
hueri(n)gen sal de wy(n)ne moge(n) ontslagen sijn alle jae(re) van/
eend(er) coe van twee oft van alle(n) drien alst hen te half/
m(er)te by(n)nen desen drie jae(re)n gelieve(n) sal ov(er)leve(re)nde die/
hij quijt zijn wilt en(de) betalen(de) de hue(r) behalve(n) oft de
//
selve coeye oft e(n)nich van dien bynne(n) den drie jae(re)n storve/
soe soude de wy(n)ne der hueringe(n) van dien en(de) der leveri(n)g(en)/
ongehoud(en) zijn Het en wa(r)e dat hijse versuempde Item/
es vorw(er)de wa(n)t de voirs(creven) wy(n)ne van zijne(n) voirs(creven)/
meester geleent geweest hebben twee coeye die sal hij/
sijne(n) meest(er) wed(er) levere(n) behalve(n) zijn die nu bet(er) dat/
sal hem zijn meest(er) cortte(n) aen de voirs(creven) schout Item/
zijn voirs(creven) meest(er) heeft hem oic geleent int aenverd(en)/
vand(en) goed(en) een merie p(er)t dat gevolent heeft dat sal/
hij behoud(en) en(de) gerardt sal van hem hebbe(n) twee ande(re)/
p(er)de te wete(n) een grau merike(n) en(de) een root bleske(n) die/
sulle(n) oic getaxeert w(er)d(en) bijde goede ma(n)nen Ende die/
taxacie sal den wy(n)ne oic cortte(n) aende voirs(creven) schout/
behalve(n) dat gerardt aen die taxacie cortte(n) sal xiiii(½) lichte(n)/
guld(en) te x stuv(er)s die gerardt voir tvoirs(creven) p(er)t dat gevolent/
heeft hier voirtijt betaelt heeft En(de) allet smet in swy(n)ne(n)/
messie wesen(de) sal gerarde volgen Item soe wes bij gode/
ma(n)nen van beyd(en) zijd(en) bevond(en) wordt dat de wy(n)ne op/
de lande meer gedaen heeft dan in redelijch(eyt) hij sculdich was/
te doen(e) dat sal hem oic cortte(n) t(er) selver goed(en) ma(n)nen/
taxacie(n) It(em) de xv st(uvers) lijfpen(sien) die de wy(n)ne jairlijcx gerarde/
sculdich es en(de) oic wes hij vand(en) twee voirs(creven) so(m)me(n) sculdich/
sal blive(n) en(de) oic de voirs(creven) drie coeye te houd(en) en(de) wed(er) te leve(re)n/
d(air)aff blijft de voirs(creven) gerardt op zijn beloep va(n) rechte mette(n)/
beleyde voirs(creven) mer de pachte(n) der selv(er) lijfpen(sien) die tot dese(n)/
dage gevallen sijn die zijn ind(er) voirs(creven) so(m)men den wy(n)ne/
gerekent m(er) niet de cost vand(en) beleyde en(de) vand(er) executie(n)/
d(air) uut gevolgt En(de) hier op hebbe(n) gerart en(de) de wy(n)ne/
malcande(re)n quijtgeschoud(en) van allen sake(n) totte(n) dage van hed(en)/
En(de) al dit te voldoen en(de) tacht(er)volgen om meerd(er) sek(er)heyt/
heeft de voirs(creven) wy(n)ne geloeft op eene(n) banduyn van x/
r(insche) gul(den) ut mor(is) est en(de) oic ten heylige(n) gesworen de voirs(creven)/
wy(n)ne heeft oic geloeft dat hij te gerardts manissen voir/
de voirs(creven) restitucie vand(en) drie coeye(n) en(de) d(er) hueri(n)ge(n) selve(r) sette(n)/
sal met hem goede borchtocht welke genoech zijnde voe(r) scepen(en)/
van cortenake cor(am) hoeven buetsele marcii t(er)cia
ContributorsGreet Stevens
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2014-09-04 by Dieter Peeters