SAL7384, Act: V°285.4-R°286.1 (516 of 1044)
Search Act
previous | next
Act V°285.4-R°286.1  
Act
Date: 1491-01-12

Transcription

2019-08-22 by fernand BERTRAND
Nae dien dat de scepen(en) van bousevael alhier der/
wet clachtelijck te kenne(n) hebben gegeve(n) hoe dat/
een geheeten jehan pierot poirte(r) in cleynicheyd(en)/
van zeke(re)n hootvonnessen van des(er) stadt aldair/
bij hen uutgewesen tusschen den selve(n) ja(n)ne/
en(de) de wed(uwe) wijle(n) symoens de lospital t(er)/
p(rese)ntien vand(er) wet zeke(re) injurieuse woirde/
gesproken heeft seggende ond(er) den ande(re)n dat/
hij van allen den vonnessen die zij gedaen [gegeven] mochte(n)/
hebben niet houden en soude ende dat zij myn/
dan van weerd(en) wae(re)n met meer ande(re) strange/
manie(re)n bij hen in vollen viersca(r)en gebuert geven(de)/
d(air)aff ov(er) deselve scepen(en) den he(re)n ende wet alhier
//
de correctie ende bet(er)nisse van dien te voirde(r) want/
deselve jan hem in allen saken die hij voir hen te doe(n)/
hadde alsoe strickelijck en(de) o(n)manierlijck hielde als dat/
hij der wet ald(air) niet bedwancbair en was ende nae/
dien de wethoude(re)n alhier verhoirt hebben(de) de voirs(creven)/
injurieuse(n) woirden ende cleynicheyd(en) bij hen met/
requeste(n) ov(er)gegeve(n) geordineert hebben datmen den/
selve(n) als op heden bescrive(n) soud(en) om hen in desen/
te v(er)antweerden ende oick dat hij ontslagen soude/
wordden op cautie juratoir van hier te rechte te/
comen ende tghewijsde te voldoen(e) want hij voir/
de voirs(creven) injurieuse woirde(n) aldair gevange(n) was/
met intimacien oft hij niet en quame dat de wet/
alhier de voirs(creven) mesusen houde(n) soud(en) als voir bekint/
soe en is deselve als op heden niet gecompareert/
om he(m) in desen te v(er)antweerden(e) hoe wel de wet/
aldair hem gep(rese)nteert hadd(e) tontslaene op cautie/
als vo(r)e and(er)s dan bij eene(n) ande(re)n p(er)soen bege(re)nde van/
zijne(n) wegen als poirte(r) uutgescreve(n) te wordde(n) gheene(n)/
last hebbende anderssins de voirs(creven) saken van injurien/
van zijne(n) wegen te v(er)antweerd(en) Es get(er)mineert ende/
uutgesproken bijder wet in desen op al gelet sijnde/
bevi(n)den(de) oick dat deselve jan pierot bleeff sitten(de)/
op crigelheit ind(er) vroente(n) ende alsoe niet en quam/
om hem in rechte te v(er)antweerden(e) hoewel men/
he(m) navolgen(de) den scriven(en) gep(rese)nteert hadde tontslaen(e)/
op cautie juratoir als bove(n) ende alsoe in manie(re)n/
van meerde(re)n contempte van dien ende den rechte acht(er) bleef/
dat zij tvoirs(creven) exces als bekint te henwerts hield(en)/
om hier naemaels in dien bij hen gedaen te wordd(en)/
als behoi(r)en sal t(er) bet(er)nissen ons genad(ichs) he(re)n zijnd(er)/
stadt recht en(de) d(er) wet d(air) hij de woirde gesproke(n) heeft/
ten exemple van ande(re)n Ende dat de selve jan voir/
sijn ontslach betale(n) sal alle coste(n) bij hem ald(air) v(er)sete(n) metgad(er)s/
oick de(n) coste(n) va(n) rechte bijd(en) voirs(creven) scep(enen) in des(en) geled(en) zond(er)/
he(m) enich behulp van porterien in desen gedaen te wordd(en)/
Act(um) in cons(ili)[o] opidi januarii xii
ContributorsGreet Stevens
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2014-09-03 by Dieter Peeters