SAL7393, Act: V°102.2 (192 of 691)
Search Act
previous | next
Act V°102.2  
Act
Date: 1499-10-08

Transcription

2019-02-27 by helga peeters
Item joha(n)ne sgrooten heeft geloeft lijsken scoenmakers/
vi stuv(er)s een pl(a)c(ke) te bet(alen) te weten(e) nu in sat(er)daige/
naistcomen(de) eene(n) stuv(er) d(air) af ende voirt alle weken/
eenen stuv(er)s tot dat al bet(aelt) sal zijn quol(ibe)t ass(ecu)[tu(m)]/
met (con)d(icien) oft zij e(n)nigen t(er)mijn laet ov(er)gaen sonder/
bet(alen) soe salt al gevallen zijn ende de selve lijske(n)/
sal moegen gaen panden ten huyse der selv(er) joha(n)nen/
en(de) die pand(en) v(er)coepen sonder meer rechts te v(er)sueken/
cor(am) buets(ele) burg(imagistr)[o] octobr(is) viii
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2017-06-06 by Xavier Delacourt