SAL7393, Act: V°353.4-R°354.1 (586 of 693)
Search Act
previous | next
Act V°353.4-R°354.1  
Act
Date: 1500-04-27

Transcription

2020-09-05 by helga peeters
It(em) jan jaquemijns rintm(eeste)r vand(er) cap(it)len van camerijck/
inden name en(de) van wege(n) d(er) selv(er) cap(it)len en(de) oick/
uuyt crachte vand(er) procu(r)ac(ien) he(m) bij eerweerdige(n) he(re)n/
d(er) selv(er) cap(it)len totte(n) saken nae bescr(even) v(er)cleert heeft/
uuytgeg(even) en(de) bekint uuytgeg(even) te hebben(e) he(re)n/
ja(n)ne vanden poele p(ri)este(r) capellanen d(er) kercken/
van sinte pet(er)s te loeven(e) en(de) jouffr(ouwe) lijsbetthe(n) sbocx/
docht(er) jans de bock wed(uwe) wijle(n) meest(er) wout(er)s/
van nethen(en) geheete(n) vand(en) royeele [de thie(n)de va(n) zempse en(de) alle(n) de(n) toebehoirten] te weten(e) /
elc van hen deen hellicht alleene zoe langhe/
zij beyde leven zullen Ende oft deen van hen/
beyden aflivich wordde bynne(n) den t(er)mijn soe
//
zal de lancstleven(de) de geheele thiende voirs(creven) hebbe(n)/
den t(er)mijn uuyte int geheele opde conditien voirs(creven)/
te houden te hebben en(de) te gebruycken van sint/
jansmisse bap(tis)ten a(nn)[o] xv[c] een Eenen t(er)mijn/
van negen ja(r)en d(air)nae v(er)volgen(de) elcx jairs om/
hondert en(de) vijftich r(ins) g(ulden) te vijf scelling(en) brab(ants)/
elk(en) r(ins) gul(den) gerekent half te kersmisse en(de)/
half tsint jansmisse [te bet(alen)] dair af den yerste(n) t(er)mijn/
zijn sal te kermisse a(nn)[o] xv[c] en(de) een en(de) alsoe/
voirtane telken t(er)mijn bynne(n) der stadt van bruessele/
op cost en(de) ave(n)ture d(er) voirs(creven) thiendene(re)n [te leve(re)n] Geloven(de)/
hen inden name als bove(n) vand(en) voirs(creven) t(er)mijn wairscap/
met sulker cond(itien) h(ier) inne merckelijck ondersproken/
dat de voirs(creven) nemers bynne(n) den yersten ja(r)e van/
hue(re)n t(er)mijne gehouden zullen zijn te doen vernyeuwen/
alle de panden en(de) regenoete(n) met stucken ende/
porcheelen d(air)op men de voirs(creven) thiende heffende es/
en(de) die bynnen den selve(n) yersten ja(r)e huers t(er)mijns/
den rintmeest(er)s den voirs(creven) cap(it)le ten tijde zijnde/
in gesc(ri)fte beschedelijck ov(er)geven ende om de/
voirs(creven) huere jairlijcs h(ier)embynne(n) wel en(de) volcomel(ijck)/
en(de) dande(r) vorweerd(en) en(de) conditie(n) geheelijck volbracht/
te wordden(e) Soe hebbe(n) de voirs(creven) thiendeners/
den voirs(creven) rintm(eeste)r tot behoef als voe(r) v geset/
en(de) verbonden teene(n) seke(re)n ond(er)pande alle [hue(r)] goede/
eygen en(de) have vercrege(ne)n en(de) te vercrige(ne)n geloven(de)/
hem tot behoef voirs(creven) d(air)af wairscap Ende/
altoes genoech te doene op datt(er) yet ae(n)gebrake/
cor(am) blanck(art) roesme(re) ap(ri)lis xxvii
ContributorsJos Jonckheer
Moderated byJos Jonckheer
Last update: 2017-06-13 by Xavier Delacourt