SAL7467, Act: V°49.2-R°50.1 (64 of 581)
Search Act
previous | next
Act V°49.2-R°50.1  
Act
Date: 1573-08-08

Transcription

2019-12-17 by Anton Schuttelaars
Item meester jacop molengrave licen(ciaet) in beijden /
rechte(n) gebore(n) van uutrecht woone(nde) nutertijt binne(n) /
deser stadt van loeve(ne) ten huijse heere(n) en(de) meeste(ren) /
jan(ne) van schore nutertijt borgem(eeste)r der zelve(r) stadt /
heeft bekindt schuldich te sijn(e) jouff(rouw)e marie de /
taxis wed(uw)e wijle(n) heere(n) en(de) m(eeste)r daniels vande(n) /
berghe in sijne(n) leve(ne) raedt ons heere(n) des keijsers /
caroli in vlaendere(n) neghe(n) carolusg(ulden) te xx stuvers /
tstuck zeve(n) stuijvers en(de) een(en) halve(n) der munte(n) shertog(en) /
van brab(an)t cours en(de) loop hebben(de) erffel(ijcke) rinte alle /
jaere s(in)t jans(mis)se baptiste(n) te betaele(ne) waeraff de(n) /
ierste(n) termijn van betaelinge valle(n) en(de) v(er)schijne(n) zal s(in)t /
jans(mis)se bap(tis)[te(n)] a(n)no xv[c] lxxiiii naestcome(nde) en(de) inde(n) /
stadt wissel van loeve(n) los en(de) vrij (et)c(etera) oijck van x[e(n)] /
xx[e(n)] hond(erd)ste(n) en(de) alle(n) andere(n) penn(ingen) zoe wel ordinaris /
als extraordinaris te levere(n) in futuru(m) quolibet /
assecutum gelove(nde) ter manisse(n) pandt te stelle(n) weerdt /
zijn(de) bove(n) alle(n) co(m)mere(n) daer te voere(n) uuijtgaende /
achtie(n) gelijcke carolusg(ulden) en(de) vijfthie(n) stuijvers /
erffel(ijck) et t(antu)m gelove(nde) daerenbove(n) de voers(creven) /
m(eeste)r jacop dat hij uuijt des(er) stadt mette(r) woonste /
nijet v(er)trecke(n) en zal ten zij dat hij der zelve(r) jouff(rouw)e /
oft heure(n) erffge(namen) voe(r) de voers(creven) erffrinte zal gestelt /
hebbe(n) vaste(r) pandt oft anderss(ins) v(er)sekert met goede /
sufficien(ten) borghe(n) zoe dat behoert ende zijn(en) goede(n) /
die hij bekindere nu tertijt heeft inde(n) lande van /
uuijtrecht oft daer o(m)trent daer voere v(er)obligere(n) /
en(de) de zelve in p(re)juditie van des(en) nijet te ced(er)e(n)/
transportere(n) oft anderss(ins) alienere(n) voe(r) en(de) al eer
//
de voers(creven) erfrinte zal gequete(n) wese(n) met c(on)dicie(n) /
dat de voers(creven) bekinde(re) de zelve erffrinte zall /
moge(n) losse(n) en(de) affquijte(n) talle(n) tijde(n) alst hen gelieve(n) /
zal tot eene(n) reijse(n) elcke(n) carolusg(ulden) daeraff met /
zesthiene gelijcke carolusg(ulden) ende met volle /
rinte obligan(do) et submitten(do) ac renu(n)cian(do) in forma /
cor(am) eisd(em)
ContributorsInge Moris , Dieter Peeters
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2013-07-02 by Inge Moris