SAL7741, Act: R°239.3 (272 of 324)
Search Act
previous | next
Act R°239.3  
Act
Date: 1448-05-14
LanguageNederlands

Transcription

2020-05-12 by Gerry Van Helmont
It(em) reyne(r) vand(er) rivie(re)n et lijsbeth eius uxor hebben geloeft ind(ivisim) robrechte/
henrix behoirlijc in handen te setten tot zijnre manissen voe(r)/
hof ende he(re) vijftich roeden wijng(ar)ts luttel myn of meer geleg(en)/
tarschot opten bone(n)wijt tusschen de goede jans van ijsche ende/
henrix van lille als teene(n) ond(er)pande van xxxii guld(en) pet(er)s alle/
jare vi daeraf te betale(n) tot dat de xxx d(aer)af betaelt zele(n) zijn/
en(de) te(n) naesten jare d(aer)na dand(er) ii [Et t(antu)m (et)c(etera)] en(de) joes van ese(re)n heeft ge/
loeft zijn beleidt dat he(m) gedaen es met scepen(en) van arschot/
tottes voirs(creven) reyners goeden quijt te scelden [t(er) manisse(n) svoirs(creven) robbrechts] vande(n) voirs(creven) wijng(ar)de/
voer scepen(en) van arschot en(de) goessen vanden varenb(er)ge heeft geloeft/
goessen zijne(n) zoon die geleidt es te bruessel d(aer)inne te vervaen dat hij/
tselve beleid quijtscelde(n) en sal t(er) maniss(en) svoirs(creven) robbrechts voir scepen(en)/
van bruessel als vande(n) voirs(creven) wijng(ar)de cor(am) eisd(em)
Contributorsmyriam bols
Moderated bymyriam bols
Last update: 2014-09-15 by kristiaan magnus