SAL7741, Act: V°259.2 (306 of 321)
Search Act
previous | next
Act V°259.2  
Act
Date: 1448-06-08
LanguageNederlands

Transcription

2020-06-06 by Gerry Van Helmont
It(em) uut dien dat de voirs(creven) ottelet ende hubijn op heden voe(r) den raide/
vand(er) stad comen sijn en(de) gekyndt en(de) gecleert hebben dat zij ghiste(re)n/
naed(er) voirs(creven) uutspraken malcande(re)n alhier beclaeght hebben met rechte/
vanden ii mudden corens ende vand(er) bewijsenissen oft betalingen voirs(creven)/
So es inden raide vand(er) stad tusschen hen noch uutgesproken [en(de) v(er)cleert] niet/
wed(er)staende der voirs(creven) t(er)mi(n)acien dat beide de p(ar)tien zo waert zij hen niet/
en verlijken oft and(er)s te vreden zijn en willen metten rechte van hoird(er)/
clagen behoirlijc voert sullen varen gelijc zij moegen en(de) trecht d(aer)af/
alhier v(er)mach Actu(m) in pleno (con)silio sabb(at)o junii viii[a]
Contributorsmyriam bols
Moderated bymyriam bols
Last update: 2014-09-15 by kristiaan magnus