SAL7761, Act: R°18.2-V°18.1 (49 of 650)
Search Act
previous | next
Act R°18.2-V°18.1  
Act
Date: 1472-07-28

Transcription

2020-03-09 by Walter De Smet
Claes vander heulen It(em) also als henrick van guylck weerd inden sloetel alhier alse p(ro)cureur henr(ix)/
fijen en(de) lijsbetten vanden wysche zijns wijfs weduwe sanders wilen/
wijnkens aengesproken heeft inde banck alhier claese vand(er) heulen/
seggende en(de) te thoenen biedende dat de selve claes and(er)wile gehuert/
hadde tegen de voirs(creven) (con)stitueerd(er)s een huys en(de) hof gelegen te tong(er)loe/
eenen termijn van vijf jairen langh tsjaers voe(r) en(de) om vijf licht/
gulden(en) te x stuv(er)s den gulden(en) eysschende de voirs(creven) p(ro)cureur vande(n)/
voirs(creven) vijf jairhueren betalinghe oft bewijssenisse Daer op de vors(creven)/
claes hem verantw(er)den(de) bekynde de voirs(creven) hueringhe gedaen te hebben/
vanden voirs(creven) goeden maer seyde en(de) boed te thoenen dat de vors(creven) (con)stitueerd(er)s/
hen vanden yersten ii jairen hadden bekynd voldaen te wesen en(de)/
de huere vanden ande(re)n drie jairen hadde hij betaelt en(de) met bedwange/
van rechte moeten betalen den abdt sgoidshuys van tong(er)loe die de/
voirs(creven) goede voe(r) dingaen vanden voirs(creven) drie jairen uutgewonnen/
hadde met der bancken rechte en(de) den vors(creven) claese doen bevelen nyeman(de)/
betali(n)ge te doen vander hueren dan den selven abdt Va(n) welke(n) poente(n)/
de voirs(creven) claes gewijst waird tsijnen thoenisse d(air)af den dach op heden/
diende ende de voirs(creven) claes op heden comen es inden rechte beg(ere)nde/
voerts te p(ro)cede(re)n daer de voirs(creven) p(ro)cureur dede zeggen dat zijn (con)stitu
//
eerders hen inder saken vellich gegeven en(de) bekindt hadden voe(r) meye(r) ende/
scepen(en) van tong(er)loe thoenen(de) dairaf eenen brief gesonden van hen aen/
tgerichte alhier Seggen(de) voirt hem niet voird(er) inder saken te willen/
p(ro)cede(re)n den welcken niet tegenstaende de voirs(creven) claes voert trecht/
versochte So hebben de scepen(en) van loeven ter maniss(en) smeyers/
gewijst dat de voirs(creven) claes ongehouden zijn sal vand(er) aensprake(n)/
die zijn wederp(ar)tie te hemw(er)t gedaen heeft Cor(am) eisd(em)
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-04-26 by Xavier Delacourt