SAL7761, Act: R°217.4 (570 of 650)
Search Act
previous | next
Act R°217.4  
Act
Date: 1473-07-13

Transcription

2021-01-09 by Walter De Smet
It(em) gheerd van holede en(de) margriete van kynckem zijn wijf hebben gekindt/
en(de) gelijdt openbairlic dat meester peter van loeven tot heurer beden/
hen verleeght en(de) gecontenteert heeft van vijf payementen die va(n) nu/
voirtaen vallen zullen van dien tween francken erflik(er) rinten die zij/
jairlicx hebben op huys en(de) hof metten toebehoirten mychiels bolgry/
gelegen inden langenbruel tusschen de goede [vacat] blanck(ar)t ende/
[vacat] Scelden(de) hem d(air)af volcomelic quijte P(ro)mitt(entes)/
non alloqui (et)c(etera) Ende wairt datmen meest(er) pet(ere)n e(n)nich vanden vors(creven)/
paymenten ontkynnen woude en(de) hem paye geweyg(er)t zo hebben zij/
hem gelooft ter hand te staen en(de) dat met rechte te volgen Cor(am)/
blanckairt m(er)cels julii xiii
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-05-10 by Xavier Delacourt