SAL7761, Act: V°133.2 (391 of 650)
Search Act
previous | next
Act V°133.2  
Act
Date: 1473-03-16

Transcription

2020-09-01 by Walter De Smet
Gheerd van ertrijcke/
It(em) alse vanden gedinghe dat geweest es voe(r) meye(r) en(de) scepen(en) van loeven/
tusschen henricken hombaix geheten vander moelen in deen zijde/
en(de) gheerde van ertrijcke van nederlynthe(r) alhier inder vroenten/
zittende ten versuecke svoirs(creven) henricks [of zijnre medeplege(re)n] in dande(re) aldair de selve/
henrick yesch vanden voirs(creven) gheerde betalinghe van eenen scepen(en)/
brieve van loeven sprekende van lxxv rijnsch(en) gulden(en) die hij/
gheerd den voirs(creven) henricken [en(de) zijnen medepleg(ere)n] tot eenen zek(ere)n daghe gelooft hadde/
te betalen op eenen zeke(re)n banduyn Op welcke gelufte de selve/
gheerd die te voe(re)n inder voirs(creven) hachten zat geslaect was en(de)/
op eene gelufte die hij mede dede zo verre hij des niet en dade/
ten tijde dairtoe genoemt dat hij dan weder inder vroenten comen/
soude (et)c(etera) gelijc de selve geluften staende int register en(de) geschied/
ja(nua)[rii] penulti(m)a lestleden ond(er) baussele en(de) ongevo(n)nist zijnde dat voird(er)/
inhouden Van welcker yerster geluften de vors(creven) gheerd meynde onge/
houden te wesen mids dat hij die niet voldoende inder vroenten/
weder comen was en(de) mids ande(re)n reden(en) die hij d(air)toe allegeerde en(de)/
boed te thoenen En(de) thoenisse d(air)af gehoirt zijnde so hebben de/
scepen(en) van loeven ter maniss(en) tsmeyers gewijst voe(r) een vo(n)niss(en) dat/
de voirs(creven) gheerd vander voirs(creven) geluften ongehouden zijn sal behoudelic/
heeft zijn wed(er)man hem uut saken van zijnre yerster hachten yet/
aen te spreken dat hij dat sal moegen doen en(de) dat hij gheerd/
daer voe(r) inder hachten bliven sal Cor(am) roel(ants) oppend(orp) pynnoc heyk(ens)/
caverson m(ar)cii xvi
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-05-10 by Xavier Delacourt