SAL7761, Act: V°95.3 (296 of 650)
Search Act
previous | next
Act V°95.3  
Act
Date: 1473-01-18

Transcription

2020-06-29 by Walter De Smet
It(em) roelof de witte burdurwercke(r) natuerlic heeft wettelick/
gemechticht (et)c(etera) jacoppen hozen ende wille(m)me van leele natuerlic/
en(de) elk(en) bizund(er) thoenre des(er) om alle zijn tsijze rinten pachte(n)/
en(de) sculden diemen hem nu sculdich es oft namails wesen sal/
te manen teyschen op te boe(re)n ende tontfanghen den sculde(re)n/
van heuren ontfanghe quijt te schelden en(de) quitancie te geven/
De selve tsijze rinten pachten en(de) sculden en(de) alle zijn ande(re)/
saken en(de) stucken die hij nu te doen heeft of namails hebben sal/
moegen in aenlegg(er)s oft verweerd(er)s stad aen en(de) tege(n) eene(n)yege/
liken met rechte te vervolgen In for[m(a)] Cu(m) (com)put(atione) (et) revoc(atione) Cor(am)/
roelants borgh januarii xviii
ContributorsJan Boncquet
Moderated byJan Boncquet
Last update: 2016-04-27 by Xavier Delacourt