SAL8138, Act: V°244.2 (386 of 416)
Search Act
previous | next
Act V°244.2  
Act
Date: 1469-05-20

Transcription

2022-10-17 by Christine Vanthillo
It(em) de voirs(creven) questie tusschen den voirs(creven) jacopen ende den rintmeeste(r)/
ghesleten sijnde soe sijn de vors(creven) rintmeest(er) als geleyt gelijck vors(creven)/
steet in deen zijde ende katline sbeck(er)s oic als gheleyt jong(er) da(n) de vors(creven)/
rintmeest(er) totten goeden have ende erve svoirs(creven) jans baerts voe(r) zeke(r)/
hue(r) wettighe schout t(er) ande(re) teghen een in rechte come(n) ald(aer) elck/
oic sijn schout meynde aende voirs(creven) haeflijke ende erflijke goede te/
verreyken(e) ende deen voir den ande(re)n te gane bieden(de) elck sijn schout/
oic te v(er)ifice(re)n Vanden velken de scepen(en) van loven(e) voorts gewijst/
hebben voir een vo(n)nisse dat tvoirs(creven) tsurplus vanden haeflijken/
goeden tsame(n) metten voirg(eruerden) erfgoeden den voirg(enoemden) rintmeest(er) tot/
sijnre schout behoef soe v(er)re hij die v(er)ifice(re)n sal bij eede volghen/
sal bij alsoe dat hij die d(aer) voe(r) sal exeque(re)n ende dat remena(n)t der voirs(creven) lijsbetten volgen sal tot hue(r)re schout behoef die sij oic/
bij eede v(er)ifice(re)n sal cor(am) eisd(em)
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2018-08-13 by The Administrator