SAL8144, Act: R°75.1 (137 of 480)
Search Act
previous | next
Act R°75.1  
Act
Date: 1477-10-07

Transcription

2022-11-21 by Walter De Laet
Want peter fijte als geleyt na de hoghe heerlich(eit) ons/
gened(ichs) hee(re)n tsh(er)togen ende den rechte zijnre stad van loeven(e)/
tot allen den goeden beyde have en(de) erve jans wijlen oeghe hadde/
doen besc(ri)ven en(de) dach doen lijsb(etten) weduwe des voirs(creven) wijlen jans/
ende hue(r) kinde(re) die hem ongebruyck deden aen de voirs(creven) goede/
dat zij hande d(aer) af lichten souden en(de) die den voirs(creven) pete(re)n doen/
volgen oft dat zij te loeven jegen he(m) te rechte comen wa(r)en/
op eenen zeke(re)n dach ov(er)leden zijnde Tot welcken dage noch/
tot den daghe van heden gheen van hen comen en is Soe/
wijsden de hee(re)n scepen(en) van loeven(e) t(er) manissen smeyers voir/
een vo(n)nisse yerst gevisiteert hebbende tresc(ri)pt van ja(n)ne loots/
vorste(r) te loevenjoul datmen den voirs(creven) pete(re)n vand(en) voirs(creven) goed(en)/
houden sal inde macht van zijnen beleyde soe v(er)re dat voir/
hen comen is cor(am) o(mn)ibus scabinis oct(obris) vii
ContributorsGreet Stevens
Moderated byGreet Stevens
Last update: 2018-08-13 by The Administrator