SAL7337, Act: R°269.2 (381 of 572)
Search Act
previous | next
Act R°269.2  
Act
Date: 1443-02-25

Transcription

2020-07-21 by kristiaan magnus
Item jan van p(er)fontrien gehete(n) van vivier heeft geloeft willem(me)/
vanden veken(en) rentmeest(er) van geldenaken tusschen dit en(de) xiiii nachte(n)/
naestcomende te loven(e) te comen(e) ende den selven willem(me) vestich(eit)/
doen voir meye(r) ende scepen(en) van loven(e) gelijc dbehoirt op alle/
zijn goede bynne(n) brabant gelegen van vi mudden tarwen der/
maten van loven(e) erfpachts te loven(e) te leve(re)n van xi cap(uynen) erfchijs/
en(de) vii s(cellingen) goets gelts op zeke(r) goeden toebehoe(re)nde alrehande p(er)sone(n)/
en(de) desgelijx vanden mantscapen van hupain en(de) jandrengnoel/
metten laetscapen rechten ende heerlicheiden totde(n) voirs(creven) cap(uynen) s(cellingen)/
en(de) mantscapen behoe(re)nde Et t(antu)m velde vynck(enbosch) febr(uarii) xxv
ContributorsKarel Embrechts
Moderated byKarel Embrechts
Last update: 2013-03-05 by Inge Moris