SAL7339, Act: R°370.1 (433 of 450)
Search Act
previous | next
Act R°370.1  
Act
Date: 1445-06-12

Transcription

2019-11-29 by Jos Jonckheer
It(em) want henric smeye(r)s alse geleyt totte(n) goeden gheerts smeye(r)s opden dach van/
heden hadde doen inscrive(n) henricke hoefnagel bellen otten woutelet van la(r)e/
en(de) stijne(n) weduwe pet(er)s wijlen joncpet(er)s die hem aen so(m)mege vande(n) voirs(creven) goeden/
te weten aen ond(er)halve zille lants geleg(en) inden chout(er) van la(r)e tussche(n) de goeden/
henr(icx) van ouzee en(de) de goede henr(icx) vanden kerckhove ongebruyck deden/
Tot welken dage de voirs(creven) p(er)soene(n) niet en comp(ar)eerden Soe eest dat die/
he(re)n scepen(en) van loeven(e) ter manissen smeyers gewijst hebben voir een vo(n)nisse/
dat men den voirs(creven) henr(ic) smeye(r)s vanden voirs(creven) goeden houden sal in sijne(n)/
beleyde alsoe v(er)re dat voir scepen(en) comen es p(rese)nt(ibus) rijke abs(oloens) witte ov(er)wynge/
vynck(enbosch) lynte(r) iunior junii xii
ContributorsWalter Winnelinckx
Moderated byWalter Winnelinckx
Last update: 2016-11-20 by Jos Jonckheer