SAL7361, Act: R°150.3 (318 of 504)
Search Act
previous | next
Act R°150.3  
Act
Date: 1468-02-28

Transcription

2019-08-15 by myriam bols
It(em) de vors(creven) willem heeft gekint ende gelijdt openbairlijc dat her giel(is) wijle(n)/
de rode in sijne(n) leven(e) [hadde] en(de) nae hem zijn erfgename(n) hebben en(de) besitten ende/
sculdich sijn te hebben en(de) te besitte(n) op een huys en(de) hof alsulken nae inhoudt/
huer(er) brieve en(de) hofguedingen den vors(creven) he(re)n gielise dair af bij janne van hale(n)/
gedaen int jair van xxxviii xii daige in junio op alsulken goede alse inde(n)/
selve(n) brieve en(de) guedingen bescreve(n) staen ende [die] gelegen sijn inde p(ro)chie van/
libbeke houden(de) omtri(n)t een dach(mael) luttel myn oft meer aen de heyde te/
drie sijden en(de) de goede margriete(n) maes ter vierder sijde(n) alsoeme(n)t houden(de)/
es in erfdo(m)me vand(en) rintmeest(er) van thiene(n) als he(re) vand(en) gronde [des de vors(creven) wille(m) nu mett(er) hant heeft] vier/
capuyne erfchijs alle ja(r)e te kersmisse te betalen in alle der manie(re)n oft dair/
op een behoud van rechte gedaen wa(r)e
ContributorsMi-Je Van Gils
Moderated byMi-Je Van Gils
Last update: 2016-07-12 by Jos Jonckheer